Pillen slikken (column)

(Bewerkte versie van ‘Pillen slikken’, gepubliceerd 7 mei 2009 in Den Haag Centraal)

Boksen, trainen, beter worden. Fundament van lichaamskracht. Aan degenen die meelevend piepen, en dat zijn ook dames die de top willen bereiken, moet ik een verhaal vertellen. Het is een verhaal, dat weliswaar goed afloopt, maar dat, nu ja, oordeelt u zelf.

Ik ben in de gelukkige omstandigheid dat ik kennis heb aan een blonde, brede stucadoor. Niet in het romantische, maar vriendschappelijk. We leerden elkaar kennen op de sportschool. “Hoe kom je toch zo breed?” vroeg ik belangstellend en een uurtje later wist ik het. Trainen, rusten, voeding en suplementen die, al zei hij het zelf, helemaal geen kwaad konden zolang je er verstandig mee omging. Dat wilde ik ook.

De eerste maand dronk ik proteïneshakes die naar plastic smaakten, terwijl op de emmer aanmaakpoeder ‘aardbeiensmaak’ stond. De tweede maand verhoogde ik de dosis. De derde maand raadpleegde ik de stucadoor. Hij sprak over een ‘boost’ geven aan je training, over ‘laadfasen’ en over de noodzakelijkheid van testosteron, en vervolgens verwees hij me naar Men’s Health, Muscle & Fitness en naar het internet.

Een week later bezat ik een donkerbruin potje met pillen. Zonder bijwerkingen, was mij verzekerd. Zwaarder trainen, breder worden, lager vetpercentage, dit alles in samenwerking met een potje pillen. Het leven was goed en de toekomst nog beter.

Op dinsdag nam ik de eerste dosis. De training verliep uit de kunst: meer gewicht, meer uithoudingsvermogen, in de spiegel zag ik mijn taille minderen en mijn schouders groeien. Donderdag nam ik wat extra pillen voor de zekerheid en dat had ik misschien niet moeten doen. Want die vrijdag waren mijn oogleden vreemd gezwollen. Er zat een rare pijn in mijn lichaam. Ik was moe en van de weeromstuit treurig. ’s Avonds spoelde ik de inhoud van het pillenpotje door het toilet. Toen ging ik vroeg naar bed.

“Jammer hoor”, zei de stucadoor toen ik het hem vertelde, “probeer eens iets anders”. Ik luisterde als voorheen naar zijn advies, maar deze keer was ik minder enthousiast. Ook zijn voedingsadviezen stonden me niet aan; waarom zou ik eigenlijk zes rauwe eiwitten per dag willen eten? Zou ik daar dan niet misselijk van worden? En wat moest ik met het eigeel doen?

Helaas, en dat siert mij niet, ben ik nog steeds bereid om pillen te slikken om er beter van te worden. Het is de belofte van het etiket en de brede schouders van de stucadoor, die me toch een potje in de hand doen nemen. “Slik ons”, fluisteren de pillen, “deze keer zal het goed gaan”.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *