Biografie Hassan Aït Bassou

Mister 100%. Het gaat er niet om hoe je valt, maar hoe je  neer komt…. Door Brenda Zoutendijk, mei 2009. Uitgave in eigen beheer. Te bestellen via Hassanaitbassou.nl voor 14,90 exlusief verzendkosten. 159 pag., geïll.

Dus dit jaar is hij weer op het Ben Bril Memorial. Hassan Aït Bassou. Vorig jaar (2010) prolongeerde hij in Carré met een harde knock out zijn Benelux titel in het weltergewicht.  Kobe VandeKerkhove ging neer en hoe. Ik stond aan de ring en filmde wat er gebeurde:

Het gebeurde in de vierde ronde. Tegenstander Kobe Vandekerkhoven ligt KO, Hassan en zijn trainer Michel van Halderen weten dat de titel binnen is. Ben Bril Memorial 2010.

Dit jaar heeft Hassan de zesde wedstrijd, tegen Ali Ahrouari (Duitsland), over acht rondes van drie minuten. Hij hoopt daarmee zijn titel terug te winnen die hij eerder dit jaar verloor. Ik geef hem een grote kans. Hopelijk komt er dan ook een nieuwe editie van zijn biografie, want die is uit 2009 en sindsdien is er veel gebeurd.

Mister 100 % is een biografie en autobiografie tegelijk. Brenda schreef het, in samenwerking met Hassan. Terwijl Brenda in grote lijnen het levensverhaal vasthoudt, wordt dat onderbreken door veel kadertjes. Daarin staan uitspraken, commentaren, toelichtingen en terzijdes van mensen die deel uitmaakten van het verhaal. Familie, trainers, andere vechters, noem maar op. En dan spreekt Hassan ook, wat weer cursief gedrukt staat. Dat maakt het best onrustig om te lezen, maar omdat het een spannend verhaal is, lees je dóór.

Een inhoudsopgave is er niet. Wel veel foto’s, die overal vandaan zijn gekomen. Het moet een heel werk zijn geweest die te verzamelen. Goed dat ze nu vastgelegd zijn.

Hassans levensverhaal is niet gemakkelijk geweest, zacht gezegd. In 2001 wordt hij profthaibokser en met enkele titels lijkt een goede carrière in de sport gegarandeerd. Als hij Nordin Ben Saleh leert kennen, gaat hij bij hem en hoofdtrainer Michel van Halderen trainen: boksen. Wedstrijden volgen. De moord op Nordin Ben Saleh raakt hem hard en het duurt lang eer hij dat verwerken kan.

Het boek is een mengeling van veel persoonlijke gebeurtenissen en korte beschrijvingen van wedstrijden. Ups and downs, waarbij de downs vooral in de privésfeer lijken te liggen. Terwijl Hassan in de ring overwinningen en titels behaalt, gaat zijn huwelijk stuk en loopt hij door een neefje problemen met de politie op. In het nawoord zegt Hassan:

“Ik heb na het behalen van de Nederlandse en de Europese titel nog steeds de droom om ooit de wereldttiel te winnen. Ik train hier hard voor en hoop dat ik de kans krijg om mijn droom waar te maken. Mijn sport is immers ontzettend belangrijk in mijn leven. Maar mijn familie, waaronder mijn dochter Rommischa, blijft op nummer één”.

Fred Dillewaard

Links Mettin Huizer tegen rechts Fred Dillewaard

Rijswijk, zondagavond 23 januari 2011

En toen was het afgelopen, in minder dan een minuut. Fred Dillewaard was neergegaan, gelukkig weer opgestaan en Mettin had gewonnen. De titel was en bleef van hem, en even had hij heel veel nieuwe vrienden. En dat terwijl bij binnenkomst geen van die vrienden hem nog kenden. Iedereen was op de hand van Fred.

Ik ook, eigenlijk. Tien rondes over drie minuten, ik had een titanenstrijd verwacht die pas in de negende, misschien de tiende ronde beslist zou worden. Maar dat liep dus heel anders.

De volledige wedstrijd…

Achter bij de kleedkamers zaten we dus behoorlijk aangeslagen. Wat moet je zeggen tegen iemand die er zo hard voor heeft getraind.  En zo lang. Bij zijn opkomst golfde de liefde van het publiek naar hem toe. In eigen huis te verliezen is al moeilijk, en dan nog wel op deze manier. Geraakt op het kwetsbare oog, neergaan, en dan over en sluiten. Fred trok zijn schoenen uit, gooide zijn kleren in de tas en zweeg. Alleen zei hij een kort “ja” en variaties erop als iemand hem kwam omhelzen en zeggen hoe ze meeleefden.

“Nu is het klaar”, zei Fred. Hij vertelde aan Tv West dat hij nu verder gaat met lesgeven bij Thai Boxing Den Haag. Ik zat erbij en wist niks te zeggen. Dus zei ik maar niks.

Mettin sprak ik later. Hij stopt ook met boksen, het is mooi geweest. Al weet hij niet honderd procent zeker wat hij doet als er een Europese titelwedstijd aan zou komen. Over Fred had hij niets dan lovende woorden. Mettin: “Hij liep erop”. Het had Mettin natuurlijk wel gestoken dat hij zo ontvangen was, plus op het terrein van de tegenstander zijn geeft altijd wat spanning. Vandaar dat hij zo extreem blij reageerde, dat ontlaadt zich dat allemaal, normaal is hij rustiger na een overwinning. Vrij snel na de wedstrijd ging hij weer terug naar Rotterdam.

Fred ging wat lopen. Even naar buiten. Weer terug. Stilzitten was niet te doen. Het was een lange dag geweest, al dat wachten tot hij eindelijk de ring in kon, urenlang, en dan dit. Er zat nog zoveel wil om te boksen in hem, en dat kon er niet uit. Ik keek hem na en voelde dat ik een historische avond had meegemaakt. Vooral dat ene moment, waarop Jerry zijn handen uit de windsels losmaakte, misschien en waarschijnlijk voor de allerlaatste keer. Die seconden heb ik gefilmd:

Wat een avond. Ik liet mijn filmapparaatje bijna uit mijn handen vallen na de opname, dat kon ik er zo snel niet meer afknippen. Die abrupte afloop deed me veel. Er zijn veel te weinig oudere boksers actief en juist die zijn zo interessant: ze beseffen dat de bokscarrière aan het eindigen is, ze hebben wedstrijdervaring en brengen ook nog eens een pak levenservaring mee in de ring. Nooit roekeloos, altijd overwogen.

Het is nu laat en ik moet er nog even van bijkomen. Maar toch, los van die fatale momenten, zo kort als het duurde, ik had het niet willen missen.

Rijswijk, zaterdagmiddag 22 januari 2011

Vandaag was het wegen. Ik ging naar het Event Plaza. De juffrouw aan de receptie verwees me naar boven:  ‘de trap op’. In een grote kamer, waar ook de was lag opgestapeld, stond een aantal kickboksers die een voor een op de eenvoudige weegsschaal stapten.

Veel mensen in een kleine ruimte. Benauwd.

Aan een tafeltje zat Rinze van der Meer, secretaris van de PBN (Prof Boksen Nederland).  Terwijl hij een mooie monoloog hield over het boksen van vroeger in vergelijking met nu, en welke kwalijke rol de boxpointer daarin had, keek ik of Mettin Huizer er al was.

“Hussa Mettin Gagiran”, verbeterde Rinze.

Daar kwam hij, met Frans en Tiny van den Heerik. Bij hen was ik enkele jaren geleden, Tiny kreeg toen in de ring bloemen. Sindsdien heb ik een zwak voor hun boksschool.

Mettin (gewicht: 88,2 kg) ziet de wedstrijd net zo opgewekt tegemoet als Fred. Ze hebben er alletwee hard voor getraind, zegt Mettin, de beste man zal winnen. Het klinkt zo sympathiek dat ik vraag: “Maar jij wil toch winnen?” Dan vallen er opeens woorden als ambitie en prestige.En hij kijkt me even anders aan.

Even later komt Fred. Dan is Mettin al weg. Fred (84,5) zegt dat toch iets van spanning begint te voelen. Het is hem niet aan te zien. Hij ziet eruit of hij morgen een fijn verjaardagsfeestje gaat vieren: vrolijk en vol verwachting. Hij voelt zich goed. Uitstekend zelfs. “Morgen ben ik er op tijd”, zegt hij, “maar dan ga ik met niemand praten. Daar kom ik niet voor.”  Hij zwaait  nog even naar me als hij weggaat. De jongens van zijn sportschool kijken hem na. Die zijn benieuwd wat hun bokstrainer morgen doet. Ik ook.

Den Haag, vrijdag 14 januar1 2011

Niet dit weekend, maar volgend weekend staat Fred Dillewaard in de wedstrijdring. Voor de regionale krant Den Haag Centraal mag ik een groot artikel over Fred schrijven, dus ging ik vanmorgen naar Thai Boxing Den Haag, waar hij traint.  Daar trof ik een andere Fred aan dan in afgelopen november. Deze Fred is aanzienlijk scherper. Spraakzamer. Vrolijker ook.  In conditie en mooi afgetraind. Ik vraag: “Wat is je vetpercentage?”  Fred: “Vier procent, denk ik. Misschien vijf.”

Scherp en vrolijk kunnen zijn voor zo’n wedstrijd, dat maakt indruk op mij. Ik ken ook boksers, die dan even wat stiller zijn.

De zaterdag voor de wedstrijd is het wegen, tussen half een en twee, in Rijswijk dus.

Na het gesprek ontbrandt er een gesprek op de sportschool over de verhoudingen tussen boksen en thai boksen. Jerry Jokhoe noemt een indrukwekkende reeks cijfers op waaruit duidelijk blijkt hoe explosief die sport gegroeid is. Kunnen we dat van het boksen zeggen? Neen.  Helaas niet, denk ik er achteraan. Jonge boksers kunnen met een wedstrijd niet meteen wat geld verdienen, in het thai boksen wel. Het is begrijpelijk. Wel jammer als je daarom een talent uit het boksen zien vertrekken. Structurele samenwerking zou voor alle partijen goed kunnen zijn.

Het lijkt wel of de sporten wat dichter bij elkaar komen. Kickboksers gaan boksen op het Ben Bril Memorial, en dat doen ze goed.  Straks het grote thai boksgala in Rijswijk, met een profpartij van boksers. Ik kijk ernaar uit. TV West komt, die volgen Fred Dillewaard zowat tot onder  de douche. Of hij daar geen last van heeft, vraag ik. Fred is onverstoorbaar: “Ik kom daar om te boksen, verder merk ik niks”.

Alle lof voor Den Haag Centraal dat ze er zoveel aandacht aan willen geven. Twee grote pagina’s, met foto van Fred. Na de wedstrijd zet ik het hier online. Maar eerst moet ik het schrijven: maandag inleveren, dus daar ben ik het weekend zoet mee. Zaterdagavond kan ik dus niet naar de wedstrijden in de Bredase Ring.

Den Haag, 5 november 2010:

Fred Dillewaard

Fred Dillewaard is 42 jaar en hij kijkt uit naar zijn volgende wedstrijd. Hij is profbokser met nog twee wedstrijden te gaan. Daarvoor traint hij nu. De eerste wedstrijd is op 23 januari 2011, om de Nederlandse titel. Dan staat hij in de Rijswijkse evenementenhal Event Plaza tegen de huidige Nederlandse kampioen Mettin Huizer (41). Daarna gaat hij door voor de Beneluxtitel, tegen Belgische Ismail Abdoel van wie hij in 2009 verloor.

Dus dat betekent trainen, trainen, trainen. Ik ben die ochtend in Thai Boxing Den Haag. Een mooi ingerichte sporthal, met eigenaar Jerry Jokhoe als de motor en het hart ervan. Allemaal Thai-boksers, en dan is er Fred. Hij is de oudste. Ik kijk naar de training. Fred op de pads met Jerry. Daarna schaduwboksen. Het zweet gutst er van af, hij zit in de nadagen van een griep. Maar trainen moet en zal hij.

Eerste indrukken? Vriendelijk. Onverzettelijk. Op zichzelf gericht.

Die indrukken blijven hangen, als we na de training even praten. Hij vertelt dat hij op zijn elfde jaar bij Harry Houwaart in Den Haag ging boksen, dat hij er een aantal jaren tussenuit is geweest, dat hij veel trainde bij Haagse Directe en dat hij tegen de veertig liep toen hij een comeback maakte. Daarover hebben we het vooral, boksen en de leeftijd.

“Ik voel me goed,” zegt Fred. “Het gaat lekker. Zolang dat zo is, blijf ik het volhouden. En als dat niet zo is, want ik luister naar mijn lichaam, dan pas ik ook gewoon even. Je moet niet te lang door willen gaan, want echt gezond is het niet. Elke klap op je hersens is er één te veel. Als dat te lang duurt, loop je gauw met postzegels aan de deur, dat schiet ook niet op. Vanwege mijn leeftijd moet ik elk jaar gekeurd worden. Dat vind ik goed.”

Hij maakt de indruk van een man die weet waar hij aan begonnen is met die komende twee wedstrijden. Van van zijn elf profpartijen won hij er zes, maar verloor hij er vijf op KO. Eens moet het genoeg zijn, weet hij, maar wanneer? Er is altijd een volgende wedstrijd die roept, denk ik. Maar hij heeft plannen die het doorgaan afsluiten: na de wedstrijden weer les geven in Thai Boxing Den Haag en bij de buitenschoolse opvang, misschien die paar avonden portier blijven staan, en dan hopelijk zijn trainersdiploma halen bij de Boksbond.

Fred Dillewaard, Jerry Jokhoe

Ben je een betere bokser dan vroeger, vraag ik.

Fred: “Het lijkt of of ik twee keer zoveel moet doen om hetzelfde niveau te halen qua conditie. Wat het boksen zelf betreft, vind ik dat er veel veranderd is. Ik ben rustiger in mezelf. Als ik vroeger een tik kreeg, dan wilde ik er meteen bovenop, nu kan ik geduld bewaren. Meer zelfbeheersing. Mijn linkse was vroeger altijd een beetje half-half. Maar nu komt die er echt goed uit. Het lijkt of er meer kracht in links is gekomen dan in rechts. Links is echt hard geworden.”

Dat gaat niet vanzelf. Hij traint nu twee keer per dag, en dan komt het hardlopen en het crosstrainen er nog bij, voor de conditie. Fred: “Ik heb een vrouw en twee kinderen, die willen me wel eens vaker zien. Dat is ook een reden om geen wedstrijden meer te doen.”

De conditie is een maakbaar iets. Een kwestie van uren erin steken. Op de pads met Jerry en met Marvin Alexander. Dan nog het sparren, natuurlijk. Maar Fred ziet dat tot mijn verrassing heel anders. Sparren?

“Ik train ‘t helemaal zelf. Wat sparren betreft, ik ben 42, dat hoeft voor mij niet. Als ik in een wedstrijd klappen krijg, dan merk ik dat niet zo. Maar als ik èn op de training èn in de wedstrijd… ? Sparren ga ik rustig aan overslaan. Sommigen hebben het nodig voor hun ritme. Bij mij is het zo, als ik een tik krijg, dan komt dat ritme vanzelf.”

“Kijk, ik heb 18 jaar gebokst, als ik nou nog niet weet hoe het moet, dan weet ik het nooit. Het is voor mij puur conditioneel wat ik moet doen.”

Dus daar richt hij zich de komende weken op, feestdagen op komst of niet. We hebben het nog even over zijn tegenstander. “Onder druk heeft hij het moeilijk,” zegt Fred tevreden. “Hij weet dat hij het lastig gaat krijgen. Voor mij wordt het ook niet gemakkelijk.” En die Benelux-titel, dat wordt misschien een Europese titel, vertelt hij, want Ismail Abdoel gaat eerst een Europees titelgevecht aan. Dan geeft Fred me een hand, maakt wat grapjes met de jongens van de sportschool en gaat weg.

Ik heb de hele dag aan hem gedacht. En nog steeds. Fred Dillewaard zet hoog in met zijn twee wedstrijden. Maar ’t is geen waaghals. Dat is het fascinerende van deze man, die wedstrijd en daardoor eens te meer van de leeftijdskwestie.


Ben Bril Memorial 2010 (3)

Esther Schouten (foto: Piek.tv)

Daar komt ze aan: een snelle verschijning, glanzend in het zilver. Esther Schouten, onze wereldkampioen. Ieder oog in Carré volgde haar, keek naar haar toen ze in de ring stapte, haar trainers achter zich, klaar voor de wedstrijd.

Tien rondes lang, elk van twee minuten. En dan weten: dit is de laatste keer. Dan kun je met druk omgaan.

Esther zag er prachtig uit. Sterk en vrouwelijk, op een manier die je alleen in de ring ziet. Bokserskleding die dat laat uitkomen. Kleren met een stoere elegantie, die ik bij steeds meer boksers zie. Op het laatste NK nog bij Aglaia Olenski (Boksteam ABC). Dat alleen al toont dat het vrouwenboksen zich op een eigen manier ontwikkelt. Het is anders, maar gelijkwaardig aan het mannenboksen. We zullen er volgend jaar veel meer van zien, als het EK vrouwenboksen naar Nederland komt.

Rode hoek Esther Schouten tegen blauwe hoek Judy Waguthii (Kenia). Eerste ronde van tien, volledige wedstrijd op YouYube.

Na de eerste ronde gebeurde het. Terwijl de boksers in de hoek hingen, kwam een schaars geklede man de ring in. Hij droeg een bord met daarop het cijfer van de volgende ronde.  Het besef wat hier gebeurde sloeg als een bom in. Opeens begreep heel Carré het. Geen vrouw maar een man. Geen rondemiss, maar  een rondemister. Het publiek loeide van afschuw en vreugde. Vrouwen zag ik juichen. De rondemister glimlachte en liep zijn rondes. Dat zou hij tijdens die wedstrijd elke keer doen, en elke keer loeide en applaudiseerden de mensen. Hij bleef glimlachen.

Tiende ronde. Volledige wedstrijd op YouTube.

Na de laatste ronde was er vreugde: de wereldtitel bleef op de naam van Esther Schouten. Trainer Ton  Vriend (Sodoko Gym) deelde in de blijdschap. Esther vertelde dat ze “in principe” haar laatste wedstrijd had gebokst, maar wat dat “in principe” inhield, lichtte ze niet toe. De deur blijft kennelijk openstaan, en het is aan Esther om die op een dag werkelijk te sluiten. Als ze dat zou willen.

Esther Schouten en Lucia Rijker (foto: Piek.tv)

Lucia Rijker kwam de ring in om haar de kampioensgordel om te doen. Een mooi moment. Twee generaties. Lucia nam als altijd haar kans en sprak over het vrouwenboksen. De voortrekkersrol die Esther en zij hadden vervuld. Dat nu de volgende generaties verder zouden gaan, Nouscha Fontijn, Marichelle de Jong. Het EK vrouwenboksen dat eraan kwam. Filmcamera’s zoemden om de twee heen. Esther werd de hele tijd door de NOS -televisie gefilmd.

Is dat nou nodig, al die extra aandacht voor het vrouwenboksen? Ik zou zeggen van wel. In boksland hoor ik gemengde reacties op het fenomeen van een boksende vrouw. Laatst zei een profbokser tegen me: “Vrouwen moeten vooral mooi zijn.” Hij meende het. Anderen heb ik iets vergelijkbaars horen zeggen. Dat het geen gezicht is, een vrouw met een blauw oog. Maar is een man met een bloedneus dan zo mooi?

Het is hier en daar een kwestie van wennen. Elders zijn er trainers die honderd procent in de vrouwenbokser geloven, met als schoolvoorbeeld Arnold Vanderlyde. In zijn Boxing Academy is het vrouwenboksen “de snelst groeiende pijler”, zoals hij zegt. In voorbereiding: een Olympisch damesteam.

Nu het vrouwenboksen onstuitbaar groeit, horen daar natuurlijk meer rondemisters bij. Op de avond van het Ben Bril Memorial sprak ik even met naar alle waarschijnlijkheid de eerste rondemister uit de Nederlandse boksgeschiedenis. Wie is hij eigenlijk en hoe kwam hij ertoe? De antwoorden staan morgen op hoekvrouw.nl

Ben Bril Memorial 2010 (2)

Ben Bril Memorial. Theater Carré in Amsterdam, maandag 18 oktober 2010.

Rode hoek: Hassan Ait Bassou  (Wellness Proficentre) -   Kobe van de Kerkhoven (Belgie). Wedstrijd om de Beneluxtitel. Tien ronden. Alleen eerste ronde gefilmd.

In de vierde ronde gebeurde het: Hassan haalt uit, boem, Kobe valt en blijft liggen. Meteen weg. Artsen erbij, begeleiding de ring in, ik kijk met angst naar Kobe en met vreugde naar wat er vlak voor mijn ogen gebeurt: de ontlading van Hassan. Hij weet: de titel is binnen. In de kleine ruimte van de ring is het bomvol emoties en daaroverheen golft dan de kracht van het publiek. Het geluid is oorverdovend en het maakt alle emoties in de ring tien keer zo sterk. Een explosie van gevoelens, of er een bom is ontploft.

Hier ligt hij. Het gaat niet goed. Maar hij komt weer bij. Later zal de ringarts zeggen dat er een EEG moet komen, en zeker 60 dagen rust. Een zware KO. Ja, en hoe ga je dan weer verder. In de rode hoek groeit het besef van wat er zonet gebeurd is. Hassans trainer Michel van Halderen komt de ring in. De Beneluxtitel, het is gelukt.

Kobe staat weer op, Hassan krijgt de kampioensgordel en blijft nog minuten in de ring. Filmcamera’s eromheen, fotografen, het publiek blijft juichen. Michel van Halderen is geëmotioneerd. Hassan ook. Als hij eindelijk uit de ring gaat om naar zijn kleedkamer te lopen, duurt die weg lang. Onderweg vrienden en bekenden die hem tegenhouden, omhelzen, feliciteren, iedereen wil in de blijdschap delen. Hij houdt zijn gordel stevig vast. Mensen willen met hem op de foto, en Hassan poseert met iedereen die dat graag wil.

In de kleedkamer is het druk. Er is champagne, er wordt volop gefotografeerd en ik stel de hamvraag: “Hassan, wat nu?” Hier is zijn antwoord:

Het oude geld-dilemma weer. De K1 roept. Madrid komt eraan. Zo hebben we een sterke bokser, zo kan hij weer verdwijnen. Ik gun Hassan al het geld van de wereld, maar ik wil zo graag meer bokswedstrijden van hem zien.  Waarom is er met boksen toch zo weinig te verdienen? Dat antwoord van “het is nou eenmaal zo” is niet goed genoeg.

Deze wedstrijd vond ik een van de betere partijen. Dat snelle, dat aanhoudende initiatief, dat gemak van boksen dankzij een geweldige conditie. Het lijkt of kickboksers dat vaak hebben. Ik zag het ook in de wedstrijden om de Grote Carré Prijs van Amsterdam. Ik zag een scherpe Hasaid El Doustati winnen van Mitchel Bloksma, die voor de wedstrijd nog imponerend in de ringtouwen hing. Groot, sterk, gespierd en met ogen van glas. El Doustati bleef hem opjagen en aanvallen en won. Maar in de finale tegen Marino Schouten (Alkmaar) kwam hij net tekort. Marino, die de zaterdag ervoor nog een aantal kickbokswedstrijden had uitgevochten, ging met de grote beker naar huis.

Rode hoek Hasaid El Doustati (Mousid Gym) tegen blauwe hoek Marino Schouten (Alkmaar). Vier rondes van drie minuten. Eerste ronde, klik door voor de andere rondes.

Wat een avond, en toen moesten de slotpartijen nog komen. In de zaal waren ook verschillende boksprominenten. Ik zag onder andere Pedro van Raamsdonk, Raymond Joval, Lucia Rijker en oud-bokspromotor Ruud van der Linden.

Morgen op Hoekvrouw.nl: meer wedstrijden en beschouwingen.  Onder meer Esther Schouten, Innocent, wat Lucia Rijker zei en de controverse rondom de rondemister.