OECKK 2014 Kyokushinkai Karate

Open European Championships Kyokushinkai Karate 2014. Zondag 16 maart, Sporthal Hellas te Den Haag. Honbu Kamakura/ International Budukai.

Hij daar, in het blauw

Hello there. Degene die zich omkeert, in dat blauwe, dat is Juri Villani uit Italië. Op het moment dat ik deze foto neem is het ongeveer twaalf uur ‘s middags. In de vroege avond zal hij in het middengewicht de Europese titel winnen.

“I have to concentrate,” zegt hij tegen me.

“We will talk later.”

De sfeer van deze EK viel op. Het was vrolijker dan vorig jaar. Energieker. Drukker ook. Misschien kwam dat door het fraaie lenteweer, maar ja, daar merkte niemand in de sporthal van wat. Ik was net op tijd voor het overleg tussen de scheidsrechters. Noem het professionele interesse. Even kijken hoe het daar gaat. Daarna mee naar de instructies voor “coaches and fighters”. Daar zag ik dat er veel mensen waren. Op Facebook had ik iets gelezen over in de 50 dojo’s. Sem Schilt was er ook, nu als coach.

37oeckk2014

“Hij is tamelijk rustig,” zei iemand.

 

En ik zag Cath Zomer, met wie ik een groot interview voor de krant had gedaan. “Ik wil weten wat ik nog in huis heb,” had ze toen gezegd. Nog geen week later zou ze haar kleine teen breken. Ze heeft weinig kunnen trainen daardoor.

Bij de instructies voordat het EK begon. Iedereen verzamelt dan.

 

In de zaal ga ik kijken en praten. Sem Schilt gaat geduldig glimlachend met iedereen die dat wil op defoto. Een moeder plukt haar baby uit de wagen, die in de armen van Sem wel erg klein lijkt. Ik zie Ruud Muller uit Leidschendam, initiatiefnemer van het project Schoolkarate.nl/ De tafel met de IBK en de administratie.

En dan is er de factor Italië. Vanmiddag is er een grappling wedstrijd van Ivan Tomasetti uit Vincenza. Hij staat tegen een vechter van Bob Schrijber. Hoe lopen de hazen? Als volgt. Het het laatste IBK-zomerkamp was in Pordenone, in Italië dus, waar Andrea Stoppa een dojo heeft. Groot succes. Daar zag kancho Gerard Gordeau deze Ivan in actie.

Ivan heeft een probleem. In Italië zijn er geen tegenstanders meer over op zijn niveau. Want hij heeft een waslijst aan titels, van samo tot grappling tot Brazilian Jiu-Jitsu (BJJ), roept u maar, hij heeft het. En dan wordt het moeilijk. Tenzij kancho Gordeau ervan hoort, want dan sta je zo in Nederland. De dag ervoor had Ivan op Kamakura een goed bezocht seminar gegeven. David Ellero (ook Italiaan) was er ook; hij traint BJJ bij Kamakura. Kleine wereld, hè? Nog kleiner: Ellero junior kan nu dankzij Ivan een redelijke beenklem aanleggen. Op zijn teddybeer. Junior van 4,5 jaar traint trouwens ook bij Kamakura, dat wil zeggen hij zit in de klas van Duncan Smit bij Kamakura.

Maar we hadden het over karate.

De jeugdpartijtjes zijn leuk en goed. Kinderen, jawel, die soms in en uit de ring getild moeten worden, maar die wel op hun manier volwassen behandeld worden. Verantwoordelijk zijn. Initiatief nemen. Doorzetten. Ik viel als een blok voor Jennifer Helder (Kamakura). Die uitstraling, die aanwezigheid. Alle wedstrijden komen bij Fightstar.tv dus kijk het vooral na.

 

No one puts Jennifer in a corner.

23oeckk2014

Op de achterste rij: Sem Schilt, Gerard Gordeau.

Karateka Cath heeft dan weinig kunnen trainen, ze is wel behoorlijk afgetraind. Er is ruim zes kilo gewicht af gegaan. Maar ja. Vandaag zitten de damespartijen in dezelfe poule, zodat de zwaardere dames in het voordeel zijn. Twee keer pech. Het gaat helaas niet zo goed. Ze staat tegen Roxanne Ramselaar van Dojo Tsunami en zij is duidelijk sterker. Maar Cath gaat gewoon weer trainen.

29oeckk2014

Om drie uur precies komt de “suuuuper fight” zoals door de zaal klinkt. En het werd geen teleurstelling. Die explosie van kracht. Die technieken van grijpen en pakken en duwen, erdoorheen schemerde iets van het oude worstelen. Het spannendste vind ik altijd als er nauwelijks beweging in zit. Dan gaat het om die combinatie van kracht en psychologie: kunnen wachten op het juiste moment, druk zetten of juist niet.

33oeckk2014 34oeckk2014 35oeckk2014

36oeckk2014

Na zijn gewonnen wedstrijd gaat Ivan Tomasetti weer terug naar zijn clubje: David Elloro en Ellero junior, en dan Juri Villani. Wat gebeurt er toch allemaal in Italië? Ze zaten gebroederlijk op de tribune. Ze omhelsden elkaar, beukten elkaar even op de schouder of gaven een innige handdruk. Italianen. Hartelijk volk. Expressiever dan Nederlanders. En helemaal into martial arts.

Italië is het nieuwe Japan.

Ivan is aanspreekbaarder dan Juri. Dus ik vraag: “Hoe vond je het?” Nou, een heel verhaal. Dat hij wist dat zijn tegenstander very agressive was, dus hij had besloten, die ga ik voortdurend laten komen. Moe maken. Geen risico lopen. En als hij de kans ziet, die ook meteen nemen. Ja, ‘t is simple comme bonjour, totdat je het in de ring moet doen.

Ivan is nu 30 jaar en hij heeft een overzichtelijk toekomstbeeld: meer wedstrijden doen. Misschien komt er ooit een eigen dojo, maar daar heeft hij nu nul tijd voor. Zijn leven is trainen en wedstrijden. Eigenlijk altijd al. “Ik was zes jaar toen ik met vechtsport begon. Toen trainde ik voor de medaille die ik bij een wedstrijd kon winnen. Steeds was dat het doel.” Daar kwam het leven dat hij nu leidt uit voort. Hij zat net als David Ellero bij de carabinieri, een politie eenheid die nogal van de sport zijn. En zo ging het verder. Er kwam gewoon steeds meer martial arts in zijn leven, vertelt hij. Het leek vanzelf te gaan, maar wat hij niet vertelt is: de harde training, geen gezin, en het toch vérder moeten denken. En gezien zijn sterrenstatus in het dolce Italia: de onvermijdelijke valse vrienden.
Tegen half vijf komt eindelijk het eerste gevecht van Juri Villani tegen Wesley Pex van Kamakura. Het gaat hard en snel, zelfs voor kyokushinkai begippen. Het ging goed gelijk op, want het werd uiteindelijk hout breken.

Het OECKK overweldigt me altijd. Die veelheid van mensen en indrukken. Het nieuws waar ik over moet nadenken wat op die dag nauwelijks gaat. Sem Schilt als coach zien. Horen dat Cem Senol naar alle waarschijnlijkheid niet meer in Nederland vecht. “Misschien eind dit jaar nog een wedstijd in Japan.” Zsolt Zsiga weer in de ring. Kancho Gordeau in een pak en als ik vraag: “Maar… waaròm?” zegt hij adrem: “Ik ben een bobo”. Daarna wijst hij naar de IBK-tafel en zegt: “Het moest van hun”. Het staat hem goed. Maar je verwacht het niet.

Juri is nog steeds niet aanspreekbaar. Hij staat bij de catwalk en kijkt naar de wedstrijden en ik kijk naar zijn rug. De finale begint zo, tegen Ronald Kersbergen  van Tsunami Budokai Tsunami. Hij trekt zijn sweater uit en de Italiaanse fratelli komen er meteen bij. Omhelzen. Ivan slaat hem op de rug. Behoedzaam. En dan is het tijd om te gaan. David en Ivan gaan mee naar de ring. Erbij staan. Kijken. Erbij zijn. 

46oeckk2014 juri valli2

Een paar minuten later is het beslist. Blij. Opgelucht. David belt meteen Andrea Stoppa op, en geeft zijn telefoon aan Juri die ermee naar buiten loopt. . Het duurt best lang. Misschien meteen een hele nabespreking.

Grazie grazie hoor ik.

En dan eindelijk heeft hij even tijd. David en Ivan blijven er broederlijk bij staan.

Ik vraag naar zijn linker been want hij hinkt behoorlijk.
“A little pain,” zegt hij. “Part of the game.” Een glimlach zo van: hier praten wij niet verder over. Hij is 26 jaar en traint “in mei dit jaar” pas drie jaar full contact karate. Bij Andrea Stoppa: “I am in great debt to him” en dan bedoelt Juri geen geld. Voor Stoppa was hij meer van het traditioneel karate maar dit andere trok hem meer: “It is more realistic. It i about mind and body, about a greater expansion as a person.” Dat gaat over budo. “My lifestyle,” zegt hij. Inmiddels heeft hij een eigen dojo: Sei Budo Dojo –  http://shinbudopistoia.blogspot.nl  in Pistoia bij Florence.” Zijn grote droom is helemaal van de sport te leven. Lesgeven. “As soon as possible marry my girlfriend Alice”, die ook aan karate doet.

En verder?

Zegt de kersverse EK-kampioen: “Keep training.”

En verder? Hij kijkt van: verder is er niks. Dan vraag ik wat nou het állerbelangrijkste is dat hij van Andrea Stoppa heeft geleerd. Er valt een diepe stilte.
We denken alletwee na.
Iets met techiek, vermoed ik.
Of pijn leren verdragen want voor dat linkerbeen geef ik geen cent
Of iets typisch Italiaans, dat je als Nederlandse niet kunt bedenken.

Dan weet hij het. “Being grateful”.

“Being able to train means we are in good health, we have time and we have friends.”

David knikt, Ivan is het er ook mee eens en de kleine Ellero vindt alles nog steeds even leuk op het EK.

Seminar Royce Gracie

Seminar BJJ Royce Gracie, 4 november 2012. Den Haag, Sporthal Hellas. Organisatie: Duncan Smit en Robbert Jol, Honbu Kamakura, onder ausp. van de International Budo Kai (IBK).

We stonden allemaal in de sporthal te wachten, of nou ja, allemaal. De een was wat in z’n tas aan het zoeken. De ander stond op de mat, helemaal klaar met de warming up. Elders werd wat gepraat. Ik keek opzij en zag vanuit de gang een magere man naar me toe lopen, zijn pak was schoon en een beetje versleten. Dat was hem. Royce Gracie himself. Die gewoon doorliep, langs me heen, dwars door de groep, naar de mat.

Hij viel dus niet meteen op. ‘t Was niet zo dat de aarde beefde toen hij binnenkwam. Iedereen praatte ook gewoon door.

Royce stond op de mat. Ik keek naar wat hij deed. Rekken, strekken. En zijn ogen sluiten, een paar minuten lang. Vermoedelijk begon het daar. De concentratie die uit zou groeien tot een eenpersoons-energieveld.

Het was druk, op een goede manier. Pers. FightStar TV, die ook filmde  bij het besloten ochtendprogramma op Kamakura. De oud-worstelaar Thomas was uit Amsterdam overgekomen, en daarmee waren er drie mannen aanwezig uit die allereerste editie van de Ultimate Fighter Challenge, dat legendarische toernooi uit 1993. De andere twee waren de finalisten: Royce Gracie en Kamakura’s kancho Gerard Gordeau. Alleen daarom al was ik gegaan. De historische sensatie om die twee in dezelfde ruimte te zien. Al hadden ze een telefoonboek voorgelezen.  Ik zag Remco Pardoel, zwarte band BJJ en in de tweede UFC, die van 1994. Gerard Gordeau stond toen in zijn hoek. Ook MMA-vechter Stefan Struve was in de groep.  Blond en lang: ruim twee meter.

Er was veel vechtsportgeschiedenis aanwezig, maar ook toekomst. En heden, want uit alle windstreken waren er vechtsporters naar het seminar gekomen. Ik signaleerde Satisch Jhamai van de Haagse sportschool Shaolin Ryu. Die grote belangstelling is logisch, het was de eerste keer dat Gracie hier was. Hij doet een Europese toernee.

Die middag zag ik discipline. En toewijding. Het bleef rustig. Gracie demonstreerde een techniek, dan werd dat in tweetallen geoefend. Gracie liep rond, keek, controleerde en corrigeerde.  Riep hij:  ”Time out, time out”, dan verzamelde iedereen zich en werd de volgende techniek onderwezen. Er zat een sterke candans in. Roepen, luisteren en kijken, nadoen. En dat ruim drie uur lang. Iedereen bleef volle aandacht geven. Gracie ook.

De pers werd in de hand gehouden. Niet filmen. Er komt waarschijnlijk een dvd. Beperkt foto’s maken.

Op de tribune raakte ik  in gesprek met de Amerikaanse Bobby Thompson. Hij traint nu ongeveer tien jaar bij Royce Gracie en heeft sinds kort de bruine band. Een zwarte komt pas na vijftien jaar, dat betekent dus vijftien jaar constante inzet, binnen en buiten de sportschool. Bobby heeft ook een sportschool: xequematebjj.com. Die loopt heel redelijk maar dat kon beter. Want wat is het geval? Het grote publiek komt af op zwartebanders met sportschool. Dat publiek weet niet dat de ene zwarte band de andere niet is. Je kunt best ergens na een paar jaartjes zo’n zwarte band scoren, ergens waar ze het zo nauw niet nemen. Maar ja, zwarte band, dat heeft nou eenmaal een uitstraling. Terwijl (en dit vind ik zelf, hoor) een enkele vezel van een bruine band van de ene sportschool meer waard kan zijn dan twee zwarte banden van een andere.

Bobby volgt de Gracie familie al jaren. De levensstijl. De sport. En het eten: er is iets als het Gracie Diet. Veel water, en enorm veel regels over welke voedingsstoffen je wanneer mag eten en wel of niet combineren. “Hij zondigt nooit, ” zei Bobby over Royce. “En daarom heeft hij ook zoveel energie, de afgelopen nachten heeft hij bij elkaar zo’n vijf uur  geslapen.”

Na het seminar veranderde alles. Iedereen werd losser. Lachen en praten, en enorm veel foto’s maken. Gracie poseerde onvermoeibaar. En het beste moment van die middag kwam toen. Voor een fotograaf ging dat ene groepje van vier echte zwarte band mannen staan: Duncan Smit (geeft BJJ bij Kamakura), Gerard Gordeau, Remco Pardoel (Godfather of BJJ in Nederland) en Royce Gracie. In mijn ooghoek zag ik Thomas ook kijken naar zoveel vechtsportkracht bij elkaar. Thomas lachte en riep:  ”Mooie middag, wat!”