Waar zijn de wedstrijdfilms?

Dat was even slikken. Op de 8mm-banden die Hennie Thoonen mij zo royaal had meegegeven, stond veel, maar niet zijn wedstrijd uit 1970 tegen Lolle van Houten. Eigenlijk had ik er wel op gerekend. En wat nu?

Lolle van Houten in 1970 (bron: Leeuwarder Courant)

Doorgaan. Met extra vastberadenheid. Want er zijn meer bokswedstrijden gefilmd dan we denken. Lolle van Houten heeft twee keer tegenover Lubbers gestaan, zou dat niet gefilmd zijn? Het is een kans. De toenmalige penningmeester van Frisia, Anne Welles, hield van fotograferen en ook van filmen. Weer een kans. Er zijn regionale archieven en landelijke beeldbanken. Kansen.

Eddy Kiks vertelde me dat zijn wedstrijden ook gefilmd zijn, alleen wist hij niet meer door wie. Toen, net als nu, stonden er dus mensen met een camera in hun handen te filmen. Dat zal zeker het geval zijn geweest in 1965, de halve finale nationale kampioenschappen tegen Eddy Kiks (Amsterdam, Krasnapolsky) en in de Rotterdamse Rivierahallen tegen Joop Walda. Ook in de finale van 1970, in de oude RAI van Amsterdam, tegen Eindhovenaar Hennie Thoonen.

De vraag is dus: als de wedstrijden van Lolle van Houten gefilmd zijn, wie zou dat dan gedaan kunnen hebben?

Eddy Kiks

Amsterdam: Krasnapolsky, maart 1965.  Halve finale Nederlands kampioenschap, zwaargewichten.  

Regerend kampioen Eddy Kiks verliest op punten van Lolle van Houten

Eddy Kiks als jonge jongen


Deze foto zag ik vanmiddag bij Eddy Kiks thuis. ”Dat ben ik”, zegt Eddy, “toen had ik pas mijn eerste titel.”  Een jaar of achttien, negentien is hij hier, precies weet Eddy het niet meer.  Dan zal het op z’n vroegst in 1954 zijn geweest, want Eddy is van 1936.

De eerste titel, maar niet de laatste.  Zeker zeven keer was hij kampioen van Nederland. Tijdens zijn diensttijd bokste hij veel in het buitenland: “Leuk, legers tegen elkaar.” In Nederland verloor hij nooit, zegt Eddy stellig. Behalve dus die ene keer in de halve finale. Dat was toen hij Lolle van  Houten tegenkwam.

Eddy Kiks als oudere jongen

Vanwege Lolle van Houten zocht ik Eddy Kiks op. Hij is nu 74. Een geboren en getogen Amsterdammer,  lekker vlot in de omgang en nog steeds every inch a sportsman. Als hij gaat fietsen, klokt hij de tijd. Twee keer per week fitness. Eddy denkt erover om bokslessen te gaan geven bij een sportschool in Almere, waar hij woont. Het sportieve zit in hem,  dat zie je zo. Een snelle motoriek. Dat vlugge in bewegen. Alert.  Hij is indertijd van het jeugdvoetbal overgegaan naar het boksen, al wou zijn vader Jan Kiks (ook in het bezit van meerdere landelijke titels) het niet hebben. “Dat was een knock out’er,” zegt Eddy, “en die wist wat er kon gebeuren.” Eddy ging toch. Hij bokste bij de school van Nelis Bisschop. Later stond zijn vader soms bij hem aan de ring. Trots op zijn kind.

Stijlbokser

“Ik was een stijlbokser,” vertelt Eddy.  ”Een moordenaarskarakter had ik niet. Dus ik gooide er niet nog eens een ram overheen. Maar ik nam niks, ik gaf niks toe. Mijn specialiteit toen was zo van onder, links, leverstootjes.” Hij doet het schaduwboksend voor. Losjes.

“Lolle van Houten werd toen gebracht. Die kwam in die tijd op. Dat vond de jury ook leuk. Een nieuwe jongen en mijn loopbaan was toen bijna aan het einde. Lolle had een goede conditie,  hij was atletisch. Dus, net als in het voetbal, als daar een nieuw jongetje is…  Maar de uitslag was eerlijk. Hij was gewoon beter.”

Ik vraag naar Joop Walda, de man die Lolle in de finale tegenover zich vond. “Wie? O, Matje Walda. Een logge jongen. Daar heb ik ook weleens tegen gebokst. Kwam hij tevoren vragen of het niet zo hard hoefde.”  Eddy lacht. Evenzogoed gingen ze er daarna alletwee vol in. Walda gaf op in de eerste ronde.

Ongeveer honderd wedstrijden heeft Eddy Kiks gebokst. Als hij zijn wedstrijdboekje terugvindt, kan hij er meer over vertellen. Maar waar dat boekje is?

We hebben het nog een tijdje over het boksen en over Lolle van Houten. Had er meer in gezeten? “Misschien,” aarzelt Eddy. “Hij had niet zoveel om zich heen hangen.” Daarmee bedoelt hij de grote entourage van managers en promotors, zoals je in die tijd in Amsterdam en Rotterdam wel had.

Eddy begint langzaam weer naar het boksen te groeien, lijkt het. Dat lesgeven roept hem. En daarbij, er is een kleinzoon van 16 jaar die wil leren boksen. “Ik ga hem begeleiden,”  zegt Eddy Kiks. Onthou de naam: Maxim Kiks.

De macht van een naam

“Lolle van Houten”, zei de taxichauffeur. Hij aarzelde niet. Dat was de eerste naam die hij noemde toen ik vroeg naar boksers uit Leeuwarden. Het was begin februari en ik zat in de auto, op weg naar het Kalverdijkje waar districtskampioenschappen gehouden werden. Ik schrijf over boksers en boksen in Nederland, en dat gaat een boek worden. Zo kom je overal en je hoort nog eens wat.

Leeuwarder Courant, 22 mei 1970

“Hoe zegt u?” “Lolle van Houten”. Ik maakte een aantekening en besloot die avond zoveel mogelijk mensen naar die bokser te vragen. Uit nieuwsgierigheid maar ook uit een vreemd verlangen die mooie naam te kunnen zeggen. In het westen, waar ik woon, heet niemand zo. Bij het Kalverdijkje kende iedereen hem. Ja, behalve ik.

De dag erna zocht ik hem op via Google. Er was een site. Daarop stonden verhalen, anecdotes, en tussen de regels door voelde ik de liefde voor deze bokser. Ik zag een verschrikkelijke foto van mensen die zijn kist droegen, de kerk uit. Dat was pas twee jaar geleden. Het liet me niet los.

Waarom de ene mens je raakt en de andere niet, valt nauwelijks uit te leggen. Het is meer dan een naam, maar daar begint het mee. Iets in je geeft antwoord op die naam. Wat het is, weet je zelf niet.

Dus Lolle van Houten bleef een beetje bij me. Naar die site over hem keerde ik terug, in de hoop dat er wat nieuws bijgekomen was. In maart ging ik op bezoek bij Boksvereniging Frisia in Leeuwarden en daar kenden ze hem natuurlijk. Hoofdtrainer Piet Rozendaal was een goede vriend van hem, Lolle trainde wekelijks met Johan IJsselmuiden die nu Frisia voorzitter is, en aan de muur hingen krantenknipsels met zijn foto. Na mijn bezoek begon ik online archieven uit te spitten, op zoek naar Lolle. Eigenlijk was ik er elke dag mee bezig.

Een paar weken na mijn bezoek aan Frisia, hoorde ik van Johan IJsselmuiden dat er in november een Lolle van Houten Memorial gehouden gaat worden. Wat zou het mooi zijn als er dan een bescheiden boek over hem was, dacht ik. Wie dat moest schrijven, wist ik wel. Ook wat het zou inhouden.

Schrijven over iemand betekent logeren in zijn leven. Je wilt weten wie hij was als kind, hoe hij opgroeide, zijn jeugd, hoe hij man en bokser werd, hoe hij stierf. Het is werk dat jou opzoekt. Om de een of andere manier wil je alles weten en dat kost tijd en nachtrust.

Nu staat er op mijn werktafel een fotolijstje met Lolle van Houten. Ik denk aan de mensen in zijn leven, en ik vraag me af of Eddy Kiks nog leeft, die in 1965 door Lolle in de halve finale geklopt werd. Ach, Eddy had zo gerekend op de titel van Nederlands kampioen zwaargewicht. Maar toen kwam de man uit Leeuwarden.

Wordt vervolgd.

Update 21 april, 20.12 uur. Zonet Eddy Kiks aan de telefoon gehad. En hij  wist nog wie Lolle was.