Boksgala Haagse Directe

  Boksgala Food Fight Man All Night, Den Haag. Zaterdag 5 november 2011.

Ik kwam om Johan Visscher te zien boksen. Natuurlijk hoopte ik dat hij zou winnen, maar dat hoop ik altijd, en soms ging het dan toch anders. Dit jaar had hij sterke kaarten op tafel gelegd. De Nederlandse titel in mei behaald. In zichzelf een nieuw reservoir aan wilskracht en doelgerichtheid aangeboord. Verantwoordelijkheidsgevoel, daar hadden Johan en ik het over gehad. Ik interviewde hem voor de regionale krant Den Haag Centraal, en dat artikel verscheen paginagroot enkele dagen voor zijn wedstrijd. Ups and downs waren er geweest. Maar nu stond hij er, voor thuispubliek, en alles in hem wilde winnen.

Dat is jezelf nogal onder druk zetten.

Dus ik naar de Caballero fabriek, waar de Haagse Directe voor het vierde jaar een groot boksgala had georganiseerd. Het was weer tot in de puntjes verzorgd, gezellig en goed. Vijftien partijen, coryfeeën in de ring voor een prijsuitreiking, en een indrukwekkende Herman Rozemulder die een zieke Jeffrey Huf verving.

Binnen kwam ik Mark van den Boogaard tegen, bokser van de Haagse Directe. Hij heeft een time out genomen: de spanningen waren even te zwaar om te hanteren. Wanneer en of hij terugkomt, laat hij open. Ik vond het knap om dat te doen en begreep het ook wel: winnen betekende voor hem euforie, verlies bracht een depressie. Nu onderzoekt hij dat proces. Boksen kan hij zeker, maar de grootste tegenstander zit momenteel in hem zelf. Eerder schreef ik hier (klik dan) over hem.

Druk, dus.  Omgaan ermee.

Ik geloof dat ik meer gespannen was dan Johan zelf, die buiten nog met vrienden rustig stond te praten en te lachen. Zo zag het er tenminste uit. Tot verderop de avond het inslaan begon en hij eindelijk in zichzelf begon te keren. Reinier van Delden kan dat proces heel goed sturen. Wat hij precies zegt, is elke keer anders, maar het werkt altijd. Een bokser gaat “na Reinier” geconcentreerd de ring in.

Zo ook nu. In de ring stond Gökhan Gedik (ABCC Apeldoorn) al klaar. Gökhan had er zin in. Kwam natuurlijk ook doordat Johan eerder in Apeldoorn was wezen sparren en nou ja, hoe gaan die dingen. Gökhan wilde zich laten gelden. En Johan wil natuurlijk gewoon winnen. De voorbereiding was anders geweest: meer intervaltrainingen, meer core training, meer krachttraining. Omdat hij wist wat Gökhan kon.

Het ging meteen hard tegen hard. Johan had het nadeel en het voordeel tegelijk: thuis boksen. Je bent de favoriet, het publiek is op jouw hand. Maar ze eisen dat je wint. Even wachten, even kijken, dat wordt meteen afgestraft met geroep: doe iets, hij is van jou, je kunt het, nog een keer. Echt de ruimte krijg je dan niet. Extra druk, elk moment zwaarder. Ga er zelf eens staan in die omstandigheden.

Dus toen Johan won, waren we allemaal blij. (Of nou ja, allemaal… de trainer van Gökhan zei: “We hadden het ons anders voorgesteld”. Daarmee was alles gezegd. Het leek me tactloos om te vragen van wie het bloed op de handdoek was.) Ik werd dubbel blij toen oud-profbokser Fred Westgeest de ring in stapte en Johan feliciteerde. Geweldig om hem zo te zien. Meteen verlangde ik ernaar om wedstrijdfilms van hem te kunnen zien. Moet een loeiharde bokser zijn geweest. Een paar jaar geleden sprak ik met hem: klik hier .

Hier is Fred:

Daarna verdween Johan in de menigte. Gewonnen. Ik had van alle druk een beetje hoofdpijn gekregen, zowaar. Maar ik ben geen bokser.

Blaadje meegenomen van de jurytafels