Vincent Stikkolorum (interview)

(gepubliceerd in Den Haag Centraal, 11 juni 2009)

De eerste honderd dagen van de nieuwe Nicolaas

Dinsdag 8 juni 2009 was voor Vincent Stikkolorum de dag met het gouden randje. Op die datum was hij honderd dagen lang eigenaar van Sportschool Nicolaas (Rijswijk), in 1938 opgericht door de bokser Jan Nicolaas. Vincent is modern, maar hij is vast van plan de oude tijden te laten herleven. Begin deze week formeerde hij zijn eigen wedstrijdteam. Allemaal boksers met ambitie. Team Nicolaas.

“Ik ben er geleidelijk in gegroeid”, vertelt Vincent Stikkolorum. “De laatste maanden voor de overname werkte ik al mee. Ik had wel gedachten over wat ik op de eerste dag wilde doen, maar als je hard gaat, loop je jezelf voorbij. Ik wilde het goed doen. Daarvoor had ik tijd nodig. Ik wilde met aandacht werken en goed nadenken over wat ik wilde en hoe ik dat ging aanpakken.” In eerste instantie veranderde hij wat lestijden, nam parttime docenten aan, verlegde accenten en dacht, zoals altijd, aan boksen. Daar komt hij vandaan, dat is zijn passie, al heeft hij een sportschool waarop inmiddels ook lessen zijn te volgen in uiteenlopende sporten als aerobic, jiu jitsu en het hippe dans-fitness zumba. “Ik moet commercieel zijn”, zegt Vincent bijna verontschuldigend. Dat is hij. Het resultaat? “Tien procent meer leden. Op dinsdag hangen ze hier uit het raam”.

Dinsdag, dan staat op het rooster: fitness, conditietraining en jawel, boksen. Nadrukkelijk zegt Vincent: “De mensen moeten zich hier thuis voelen, ik wil een goedlopende sportschool hebben. Boksen is mijn grote passie en liefde, daarin blijf ik ook bezig. Als ik me meer op de boksers kan gaan richten, is dat natuurlijk fantastisch. Recreant-boksers zijn welkom. Maar mij persoonlijk gaat het vooral om de wedstrijden”.

Dat zegt Vincent Stikkolorum met de nodige kennis. In 1992 was hij kampioen Zuid-Holland, dus hij heeft wel wat wedstrijdervaring. Hij weet wat het is, de wedstrijdwereld. Daar kwam ook Jan Nicolaas uit voort, die in 2001 op 89-jarige leeftijd overleed. Hij was een bokser wiens naam nog steeds ontzag afdwingt door het grote aantal partijen dat hij bokste en vaak won.

Nicolaas was amateur, prof, herhaaldelijk kampioen van Nederland, en daarna begenadigd trainer van andere boksers. Nog steeds is hij aanwezig in de sportschool die hij in 1938 oprichtte: aan de muren hangen posters en foto’s met zijn afbeelding. Dat heeft Vincent bewust zo gewild, traditie vind hij moois. Zeker in de bokswereld moet je het verleden in ere houden. Zeker het Haagse boksen is een schatkamer aan grote namen en boksscholen: Houwaart, de Haagse Directe, het boksen bij de Houtzagerij, de school van Leen Hoogenband en dan natuurlijk de onvergelijkbare school van John Kristallijn. Daar kwamen grote wedstrijdboksers vandaan.

Kampioen
Sinds afgelopen maandag bestaat dus het Team Nicolaas, onder leiding van Vincent Stikkolorum. Meer dan 21 boksers hebben zich aangemeld, al zal niet iedereen doorstromen naar een wedstrijd. Voor degenen die dat wel willen en kunnen, stelt Vincent doelen vast. Die zijn met opzet hoog gesteld: “Als je niet voor alles gaat, dan heb je niets”. Als uitleg: “Iedere jongen die dat in principe kan, moet kampioen van Nederland willen worden en naar de Olympische spelen willen gaan.” Ambitie. Daarbij hoort begeleiding. “Krachttraining, techniek, tactiek, theorie, wedstrijdsparren, sparring met opdracht, voeding”, somt hij op. Daarna komt een filosofisch verhaal over het verschil tussen trainen (“Je past dan gewoon je kennis toe”) en coachen (“Iemand die niet goed is, moet je beter kunnen maken. Daarvoor moet je ook een goede trainer zijn”), het belang van diploma’s en praktijkervaring en dan vertelt hij een spannende anekdote over Wim van Klaveren. Soms geeft hij iets prijs over zijn Team Nicolaas: “Er zit een jongen uit het Oostblok bij die meer dan 100 wedstrijden heeft gebokst”. Honderd dagen had Vincent Stikkolorum nodig om te komen waar hij nu is: aan de vooravond van grote veranderingen.

Zoon
Vincent bokst nu 20 jaar bij Nicolaas. Hij begon als jongen van 14 jaar; zelfs kreeg hij les van de oude bokser zelf. En daarvoor? “Mijn vader was gek van boksen. Hij leerde me stoten zetten. Ik was toen 6, 7 jaar. Zo kreeg ik het met de paplepel ingegoten.” Hier herhaalt zich de geschiedenis, want Vincents zoon Tijmen heeft zijn eigen bokshandschoenen, al is hij pas anderhalf jaar. “Als hij ze ziet, wil hij ze aan”, zegt Vincent Stikkolorum trots. Om er dan haastig aan toe te voegen: “Maar we laten hem vrij. Als hij balletdanser wil worden, vinden we het ook goed”.

Wedstrijddag Houwaart

(verscheen als ‘boksen bij Harry Houwaart’, in Den Haag Centraal, 3 juli 2009)

Bomvol was het bij Boksschool Houwaart, op straat stonden de mensen die er niet meer bij konden. Op de wedstrijddag van 21 juni kwamen ruim 200 bezoekers af. Tel daarbij op trainers, boksers en thaiboksers van verenigingen in de nabije en verre omtrek. De wedstrijden waren alleen voor beginners en bijna-beginners. “De sfeer was goed”, zegt Käthy Houwaart tevreden, “en het niveau ook”. Boksen leeft in de Hofstad.

Voor de wedstrijden beginnen, heerst er bij Houwaart de stilte voor de storm. In het midden van de grote zaal wacht de ring. Eromheen staan stoelen, rijen lang en breed. Aan de muren hangen oude boksposters, foto’s uit het roemruchte verleden en natuurlijk is er het meer dan levensgrote portret dat dochter Käthy van haar vader maakte. Het hangt hoog. Harry Houwaart, die in 2002 op 73-jarige leeftijd overleed, zal die middag veel boks- en thaibokswedstrijden zien. Käthy Houwaart, die samen met haar dochter Sherryda de lady boss is, heeft hiervoor een goede sponsor gevonden in Force One. “Je moet zakelijk zijn”, zegt ze. “Ik wil de naam van mijn vader hoog houden”. Terwijl de ruimte zich vult met boksers en trainers en het publiek binnenstroomt, begint ze de laatste dingen te regelen. Die begroeten, dat nabellen, het ene toestaan en het andere verbieden, Käthy is in charge en elke bokser weet dat.

Beneden in de gang staat Mustafa Wahou te wachten op het wegen. Het is zijn eerste wedstrijd en die gaat hij beslist winnen, zegt hij. “Ik heb een maand lang vijf keer per week getraind op de Haagse Directe, en dan nog hardlopen voor de conditie”. Hij is ontspannen. Geen stress, geen angst. “Ik voel me vitaal”. Op de weegschaal klopt zijn gewicht: 75 kilo, met sokken aan. Er is alleen een probleem: zijn tegenstander heeft wegens gezondheidsklachten moeten afzeggen. Wat nu? Nieuwe matchmaking biedt uitkomst. Het wordt Goelzer Goelmohammed uit Delft, zwaarder en iets meer ervaren. Mustafa besluit dat hij die tegenstander aankan en verdwijnt naar de kleedkamers.

Veranderingen
In de loop der jaren heeft Käthy Houwaart de nodige veranderingen doorgevoerd. De belangrijkste was het aanbrengen van een resolute scheiding tussen herenboksen en damesboksen. “We hebben een aparte vrouwenavond, daar zijn de vrouwen onder elkaar. Degene die traint is ook vrouw. Dan kunnen de hoofddoekjes af, omdat er geen man bij is. Daar zijn we streng in, ook al moeten we een mannelijke trainer daarvoor aan de deur weigeren. We hebben één kleedkamer en een kleine ruimte voor het wegen van de wedstrijdboksers. Dus het moest wel”.
Ondanks het feit dat zij nu al jaren de scepter zwaait, heet de school nog steeds ‘Harry Houwaart’, naar haar vader. “De eerste tien jaar blijft dat zo”, zegt ze resoluut. “Daarna zien we verder.” Dat Käthy er alles aan zal doen om de school te laten bestaan, is duidelijk: ”Ik leef ervoor”. Zij is er zowat dag en nacht. Haar kunstenaarschap is nu ondergeschikt aan de school. Daar komt een vaste kern van 200 mensen, vooral recreanten. “Ze blijven meestal jarenlang, en als ze weggaan komen ze vaak terug”.

Hoek
In de ring heeft Mustafa het zwaar. Drie rondes van elk twee minuten, dat is lang als je er staat. Hij zoekt een opening, probeer rechts, maakt snelle combinaties, incasseert stoten. Aan de kant roepen trainers van Haagse Directe: “Goed zo Moes!” en “Een hoek erbij!” Tussen de rondes door komen de instructies: “Maak een schijnbeweging, kijk wat hij doet en reageer meteen”. Moes doet het. Dan gaat de laatste bel, de boksers gaan naast de scheidsrechter staan, maar het is niet de arm van Moes die triomfantelijk omhoog gaat. In de kleedkamer lacht Mustafa weer. Verslagen in de ring, maar moreel volledig intact. In november komt zijn tweede wedstrijd.

Boksschool Houwaart

Harry Houwaart Kijk eens wat een ruimte.  Een lege boksschool heeft iets magisch, altijd weer.

Een paar keer ben ik nu bij Harry Houwaart geweest, of althans bij de boksschool die zijn naam draagt. Harry is niet meer onder ons. Zijn dochter  Käthy heeft nu de leiding, samen met haar dochter.  Mooi hoor, om dat te zien. De liefde voor de sport, de aanpak. Er is nu ook kickboksen. Dames en heren trainen altijd apart.

Bij Houwaart zijn ze momenteel aan het verbouwen. In het najaar is alles weer zo goed als nieuw. Hopelijk is de oude sfeer er dan nog. De posters van Leen Hoogenband, het Bondsdiploma van Jan Nieuwenburg, dat zijn belangrijke  getuigen van het Haagse boksverleden.

Op dat verleden studeer ik momenteel voor mijn boek over de boksvereniging Haagse Directe.  Daarom voel ik me ook een beetje benauwd over die verbouwing. Als het maar niet modern wordt. Anders mag het Bondsdiploma wel bij mij aan de muur hangen.