Ben Bril Memorial 2010 (4)

De eerste rondemister van Nederland: Bart Schneider (foto: Piek.tv)

Ben Bril Memorial, in Carré te Amsterdam. Maandag 19 oktober 2010.

Daar was hij. De rondemister. Tijdens de wedstijd tussen Esther Schouten en de Keniaanse Judy Waguthii stapte hij in de ring, met het klassieke bordje dat anders de rondemiss omhoog houdt. Hij liep zijn ronde, hij keek naar het publiek en dat keek naar hem. En ik stond erbij en keek ernaar. De wedstrijd ging over tien rondes en iedere keer hoorde ik hetzelfde: gejuich en boe-geroep.

Voorzover ik weet, verscheen hier de eerste rondemister uit de Nederlandse boksgeschiedenis. Een historisch moment dus. Voor het boksen. En voor de emancipatie van de man, die sinds die avond weer wat verder gebracht is. Want als een vrouw rondemiss mag zijn, dan moeten we dat erebaantje ook aan een man gunnen. Als hij het kan, tenminste.

Na de huldiging van Esther sprak ik even met de rondemister. Hij heet Bart Schneider, woont in Haarlem en is fotomodel, bodybuilder, sparde in het verleden als MMA-vechter en in het weekend staat hij portier. Zelf bokst hij niet, maar dat wordt immers ook niet gevraagd van een rondemiss. “Het is werk”, zei hij nuchter, “maar wel leuk. Toen ik in Carré kwam, was het even slikken toen ik het publiek zag. In eerste instantie zou ik zoiets dragen als de rondemissen, dat is op het laatste moment een boksbroekje geworden.”

Rondemister Bart vond het een goede ervaring. “Heel apart”.  Na afloop kreeg hij positieve reacties. Ook van mannen, vraag ik. Jawel. “Ze vonden het stoer dat ik het durfde. Het is voor de vrouwen sowieso leuk, en ik vond het ook terecht dat er een man loopt.”

Over het boegeroep hebben we het ook nog even gehad. Dat heeft hij niet gehoord in de ring. Nou, ik hoorde het wel. Achter me zei een man dat vrouwen toch niet van een gespierde man hielden. Toen ik me naar hem omdraaide, zag ik dat hij wat magertjes was uitgevallen. Uit naastenliefde zei ik dus maar niets. Ook hoorde ik hier en daar opmerkingen over dat alles moest blijven zoals het was, en dat we altijd een rondemiss hadden gehad en dat het dus altijd zo moest blijven.

Maar elders hadden ze wel in de gaten wat er gebeurde. Iets nieuws, dat navolging zal krijgen. Vrouwen genoeg die blij waren om rondemister Bart te zien, en genoeg mannen ook die er de rechtvaardigheid van inzagen.

Het boksen verandert. Vrouwen gaan een grotere plaats innemen. Ze gaan boksers trainen, ze worden vaker prof, ze zijn niet meer weg te denken. En ja, daar hoort een rondemister bij. Ik vond hem een aanwinst. Een feest om naar te kijken. Dat er maar veel mogen volgen.

Aanstaande zaterdag zijn er wedstrijden in de Bredase Ring. Heerlijk, het gaat maar door. Alleen kan ik er helaas niet heen. Ook al omdat het boksverleden mij roept, er zijn dozen vol geschiedenis die me roept. Dat bedoel ik letterlijk. Het grote archief van de Nederlandse boksbond bestaat uit zo’n dertig dozen. Om te huilen, zo weinig. Alleen al over Bep van Klaveren hoor je wel honderd dozen te kunnen vullen. Er moet meer zijn, maar waar? Daar ga ik me over buigen.