Haags geluk bij Badr Hari

Deze column verscheen zondag 29 januari 2012 bij HaagseTopsport.nl

Zaterdagavond zat ik voor de laptop. Via een live stream kon ik bij It’s Showtime zijn. Kickbokser Badri Hari in de hoofdpartij, zijn afscheidswedstrijd. Maar ook het afscheid van Simon Rutz, topondernemer in de vechtsport. Nederland heeft hem weggepest, hij wil alleen gala’s buiten Nederland organiseren. Wethouder Kool, grijp uw kans!

Hoe het met Badri afliep, weten we. Hij won al in de eerste ronde, precies zoals hij voorspeld had: Gokhan Saki ging KO in de eerste ronde. Een harde uppercut deed het. Een korte wedstrijd, maar die ervoor deed me meer. Daniel Ghita had ik met Anil Dubar bij Kamakura zien trainen. Opeens een Haags element daar in Leeuwarden en als ik al niet voor Ghita was geweest (net als de hele sporthal daar), dan was ik het alleen daarom al. Hij zag er vastberaden uit. Overtuigender dan zijn tegenstander Hesdy Gerges. Die man ging ook in de eerste ronde KO. Toen kancho Gerard Gordeau in de ring stapte, was het Haags geluk totaal. Thuis juichte ik mee. De dag erop kwam de kater.

Simon Rutz is een man die je aan elke sport van betekenis gunt. Hij heeft zowat in zijn eentje grote gala’s van de grond getild en houdt de zaak flink in de hand. Organisator, manager, zakenman. Iemand die in het kickboksen gelooft, dwars tegen alle vooroordelen in. Die hoef ik niet te herhalen. Deze man is dus zodanig het werken moeilijk gemaakt, dat hij niet meer in Nederland iets wil organiseren. Omdat we hier bange burgemeesters hebben die aan stemmingmakerij doen. En omdat elke bange burgemeester opeens zo’n gala kan gaan verbieden. Dat risico neemt geen enkele ondernemer.

Dat is een moment waarop je zegt: Wethouder Kool, van de Haagse economie, waar ben je? In het Haagse hebben we toch wel plaats voor zo’n megagala als Simon Rutz kan neerzetten. Denk eens aan al die bezoekers. Kun je dagjesmensen van maken, die in de stad goed geld gaan uitgeven. Kun je Simon een mooie verjaardagskaart voor sturen. Vraag hem ook of dan het afscheidsgala van vechtsportlegende Peter Aerts in de Residentie mag plaatsvinden. In zijn eigen Den Bosch durven ze het niet aan. Wethouder Kool, ik zeg nadrukkelijk, dit is een mega-kans voor de stad. Doe er wat mee.

En die bangigheid? Mwah. Nergens voor nodig. Zolang ADO een geldverslindend monster is om het bij een stadionnetje veilig te houden, wil ik niemand horen piepen. Je weet niet wat daar op de tribune zit, maar dat terzijde. Wethouder Kool, ben je een man of een muis? In dat eerste geval: Simon Rutz zit op Facebook.

Daniel Ghita wereldtitel

En daar staat Daniel Ghita dan. Vooraan.  Thuis op Honbu Kamakura in de Haagse Gheijnstraat. Het lijkt een gezellig groepsportret en dat is het ook. Maar tegelijkertijd meer: er staat een nieuwe wereldkampioen tussen. Ghita, trainend op Kamakura, heeft de It’s Showtime Wereldtitel Superzwaargewicht mee naar huis gebracht. Afgelopen zaterdag (28 januari 2012) stond hij in Leeuwarden tegenover Hesdy Gerges. Ook zo’n gigant.

Die avond was Leeuwarden voor mij iets te ver. Dus zat ik thuis voor de laptop, via een Japanse live stream het allemaal mee te maken.  Het hele gevecht duurde een paar minuten, maar elke seconde ervan was uitgerekt. Twee van de zware grote mannen. De spanning die er heen kwam door mijn laptop heen. Ik zat hier te staren. En dan opeens: Ghita geeft een linkerhoek, Gerges gaat neer. Ghita juicht. Zijn trainer Anil Dubar komt de ring in, ook blij, net als kancho Gerard Gordeau. Het Golden Team van Kamakura heeft het weer gedaan. En hoe. Zelfs in de slowmotion van de KO blijft Ghita flitsend snel.  Fantastisch.

Kijken naar Badr Hari

Deze column verscheen eerder in 2012 op HaagseTopsport.nl

Nog één wedstrijd, dan is hij weg. Kickbokser Badr Hari verlaat Nederland, op zoek naar gouden bergen in Amerika. Profbokser, zwaargewicht, geld en roem. Zaterdag was er een openbare training in Leeuwarden. Stampvol. Iedereen ging kijken naar die ene man.

Voor mij was Leeuwarden te ver weg die zaterdag. Net als half Nederland zat ik thuis te hoesten en te niezen. Maar de uitgebreide fotoverslagen, vooral de serie van topfotograaf Ben Pontier, die lieten weinig te raden over. Een ring, daaromheen een op elkaar gepropte massa. Een rij van fotografen, ieder met een toeter van een telelens. En dan het gezicht van Badr Hari, steeds meer geschrokken, steeds duidelijker opgejaagd wild.

In het AD had hij gezegd dat hij “op de grens van waanzin” hing. Ik geloof het. In en buiten de ring. Maar ik denk ook, wiens schuld is dat? Wat is er met die man aan het gebeuren? Eind deze maand vecht hij zijn afscheidswedstrijd als kickbokser. Daarna is hij vertrokken, enkeltje Amerika.

De druk op Badr Hari is nu al ontzettend groot. Een paar keer heeft hij zijn zelfbeheersing verloren in de ring en elke wedstrijd betaalt hij daarvoor de prijs. Een publiek dat hoopt dat het wéér gebeurt zodat ze daarna boe en bah kunnen roepen. Maar ze willen het zien, liefst vanaf de eerste rij. Op die openbare training dringen ze naar de ring. Dichterbij, dichterbij, nog dichterbij. Benauwend. Een massa die bloed ruikt, dat beklemt.

Hoho, er is een andere kant. Natuurlijk moet een topsporter kunnen omgaan met druk. Juist in de vechtsport. Mentale kracht telt daar dubbel. Daar begint het mee. Je kunt zo sterk zijn als een beer, alleen wanneer je een vechtershart bezit, kun je een stap naar voren zetten. Dat hart moet op dezelfde manier buiten de ring kloppen. Wanneer je dan in de media hoog van de toren blaast over wereldtitels halen, dan kun je ook een reactie verwachten. Zeker in Nederland, waar we liever iemand bescheiden horen zeggen: “Ach, ik zie wel hoever ik kom”.

Precies daarom is het goed dat Badr uit ons land vertrekt. We zijn geen land om vechtsporters van zijn niveau te koesteren. Straks zeg hij in Amerika hetzelfde en dan krijgt hij applaus van het publiek en daarbij de ruimte. Maar wat deden wij Nederlanders daar in Leeuwarden? Naar voren dringen, hopen dat het misgaat. Voor de sensatie. Badr Hari, ik hoop dat hij het helemaal maakt. Good luck!

Kickboksers in Katwijk

Deze column verscheen eerder op HaagseTopsport.nl

De vloek van Hoorn hing over Katwijk. Sinds die vechtpartijen in mei is elk kickboksgala verdacht. Moet je tegen kunnen als organisatie. Je hoest een keer te hard en je bent je vergunning kwijt. Zaterdag was er in Katwijk een kickboksgala. En wat gebeurde er?

Er zijn weken dat ik er niet kom, in Katwijk aan Zee. Vissers, verenigingen die Koninginnedag vieren en de zee. Tja. Maar toen er daar een kickboksgala werd georganiseerd, wilde ik dat zien. Kamakura Katwijk bestaat al sinds de jaren ’90. Het is een satelliet van onze Kamakura in de Gheijnstraat. In Katwijk doen ze alleen kickboksen. Er is weinig verloop in de club, wat me niks verbaasde. Het is trouw volk.

Het gala was in TriPodia, een theater in het winkelcentrum. Ik hing rond in de foyer om te kijken wat er binnenkwam. Hoe dat ging. Iedereen leek elkaar te kennen. Het was gezellig, bijna gemoedelijk. Wat kinderen die rondhuppelden en tikkertje speelden. Dat is old skool, hoorde ik later. Die sfeer. Zoals het vroeger was. FightstarTV kwam binnen, alles ging live het internet op. Twintig partijen stonden op de lijst, dus een volle avond. De kickboksers gingen in en uit de ring, de ringspeaker galmde de namen, en de zaal stroomde voller en voller. Een goede meerderheid aan Katwijkers. Sponsors uit Katwijk. Vertrouwd. Maar al organiseren ze daar bijna dertig jaar datzelfde gala, dit jaar was het toch anders. Dat kwam door Hoorn.

Bij de organisatie was onrust, of beter gezegd, ze stonden op scherp. Dan zie je iemand die tegen jou glimlacht en intussen met zijn ogen iets anders zegt. Want sinds Hoorn weet iedereen: als het om kickboksen gaat, dan liggen de kaarten anders. Bij voetbal heb je rellen waar een oorlogsmacht aan politie bij komt (jaja, van onze belastingcenten) en dat leidt alleen tot nog meer vergaderingen. Bij het eenvoudigste kickboksgala hoeft er maar één man een andere man scheef aan te kijken, of je bent je vergunning kwijt. Ook als die man toevallig scheef keek van de kiespijn.

Sinds Hoorn hebben overal in Nederland burgemeesters kickboksgala’s afgelast, met als dieptepunt het grote gala in de Rotterdamse Topsporthal. Dat is slecht voor de sport. Het lijkt me ook slecht voor de stad, zo’n bange burgemeester. Hopelijk heeft hij een vrouw die zijn hand vasthoudt als het ‘s nachts donker wordt.

Dus in Katwijk deden ze wat ze altijd doen. Schouders aaneen, schouders eronder. Alles in eigen hand houden. Beveiliging aan de deur door jongens uit de club. Strak toezicht in de zaal. Bij het minste relletje meteen ingrijpen. Dus toen iemand een meisje lelijk aankeek, stond er prompt een Katwijker bij. Dan is het meteen klaar. Al met al gebeurde er eigenlijk niets, de wedstrijden waren fantastisch, de stemming zat er in, terwijl iedereen toch wist dat we die hele avond op eieren hadden gelopen. En waarom nou eigenlijk?