Lolle van Houten Memorial

Lolle van Houten Memorial, zaterdag 20 november 2010. Leeuwarden, sporthal ‘t Kalverdijkje.

BAD: Bewust Anonieme Denen

Dus toen was het zover. Het boksgala waar ik maanden naar toe had geleefd. In Leeuwarden, aan het Kalverdijkje, waar ik afgelopen februari voor de eerste keer was. Weer waren er veel Friezen, maar dit keer ook heel wat Denen, waarvan er zelfs een paar wonnen. Dat was op het recente Bep van Klaveren Memorial wel anders. Lawaaiige jongens waren het, ze stonden achter me en schreeuwden of ze vis moesten verkopen.

Los van de Denen, had de avond een hoog Lolle van Houten gehalte. Prachtige fotopanelen in de gang waarop zijn hele leven te zien was. Een filmpje (nou ja, filmpje, het duurde bijna een half uur) met fragmenten uit zijn leven. Veel en mooi werk van vooral Roel Westerbeek, Lolle’s schoonzoon, en van Lolle’s zoon Johnny.

Een programmaboekje waarop Lolle’s foto stond.  En dan was er mijn biografie over de bokser, die deze avond officieel verscheen.

Ik voelde me zowat verdoofd door de spanning.  Van het boksen heb ik daardoor maar een paar partijen gezien, die van Nederlands kampioen zwaargewicht kampioen Dennis Slotegraaf helaas niet. Dat begreep ik meteen toen ik zijn gezicht zag. Wel vertelde hij me dat volgend jaar zijn laatste NK zal zijn. Dan wil hij de titel vast weer mee naar Groningen nemen, denk ik. En daarna? Tom Cohen (Seconds Out, Almere) is altijd indrukwekkend om te zien. Als Johan Visscher (Haagse Directe) de ring in zou gaan, koop ik meteen champagne.

De eerste twee partijen waren van Frisianen: Robert Terpstra en Isaias Ferreira wonnen alletwee. De opkomst van Isaias had iets nieuws: let op de boksjas.

Opkomst Isaias Ferreira

Michel Wierda (Frisia) vertelde me dat hij van Rudy Koopmans enkele oude boksjassen had gekregen. Die hangen nu op de boksschool, nadat ze een tijdje bij een modeontwerpster zijn geweest. Zij heeft zich hierdoor laten inspireren et voila, de clubgarderobe is uitgebreid. Boksglamour is weer helemaal terug.

De sporthal was flink vol, vermoedelijk een kleine duizend mensen. Ik zag onder andere Rudy Koopmans, oud-trainer Jan van den Akker, Flip Krikke, Olympia-trainer Eddy ten Cate (helaas geen Olympianen in de ring gezien), oud-bokser Reino van der Hoek en oud-kampioen Johnny Smit. Trainer Martin Boersma, die met zijn tas vol bondsdiploma’s bij Sportschool van Houten actief is. Aan de ring zag ik onder andere Michel Weening (boksclub Tytsjerk) en Bernard Jansen (boksclub de Waldhoek) zitten. Er waren natuurlijk veel Frisianen. En heel wat familie van Lolle: “Ik heet Bauke”, zei een neef en ik staarde langdurig naar zijn gezicht. Hij kon het hebben.

Intussen waren de Denen niet alleen luidruchtig, maar ook anoniem. Geen naam op de matching te bekennen, waardoor de ringspeaker die informatie kort voor de wedstrijd moest oplepelen. Neem dan een pseudoniem, als je je zo wil verstoppen voor de tegenstander. ’t Staat niet fraai. ’t Is zwak.

De eerste twee exemplarenvan mijn boek overhandigde ik aan Johnny en Veronica van Houten, de twee kinderen van Lolle. De uitgeverij heeft het gefilmd. Je kunt goed horen dat ik van de zenuwen een mevrouwenstem opzet. Voor de geruststelling: ik kan ook Haags vloeken, dat klinkt dan weer anders.

Natuurlijk stapte ik meteen op mijn zeepkistje: “Er is nog veel te doen, mensen!”

Net toen ik een beetje was bijgekomen, stond Joos Poulino (ABC, Amsterdam) in de ring, met bij hem zijn trainer Raymond Joval. Waar Joos komt, gebeurt iets. Zoals Joval later tegen een andere trainer zei: “Ga bij hem aan de ring staan, dan voel je dat je lééft. Elke seconde gaat je hart kedénk-kedénk-kedénk.” Ja, dat begrepen we, want Joos is snel, hij is sterk, maar hij heeft ook temperament. Bij elke wedstrijd komt daar een betere balans in. Deze keer won hij  in de tweede ronde. “Hij liep op mijn rechtse directe”, verklaarde Joos later. Dat moet je natuurlijk nooit doen. De Deen deed het toch en werd uitgeteld. Klaar. Het was de negende wedstrijd van Joos en hij kijkt opgewekt uit naar de tiende.

Na de afterparty, terug in het hotel, lag ik in een schuimbad alles te overdenken. Zoveel boksgeschiedenis in die sporthal. Dat ik weer oude boksfoto’s te leen heb. Mensen die opeens weer wisten dat ze nog een tasje spullen van vroeger hadden. Het feest. De Berenburger. Dat diezelfde avond het Food Fight Music All Night was geweest van Haagse Directe. Hoe fijn het was dat Piek daar aan de ring stond te fotograferen, want dan kon ik tenminste op Piek.tv kijken. Of ik ooit nog zelf zou leren boksen. Hoe fascinerend de bokswereld toch is.

De volgende ochtend ben ik naar de Noorderbegraafplaats gegaan. Daar is het graf van Lolle. Het gras waarover ik liep was nog nat van de nacht, maar er scheen al een voorzichtige zon. Ik zag het graf. Zijn naam erop. De jaartallen. En ik schoot meteen vol, ook toen ik een hand op de steen legde om dichter bij hem komen.

Misschien is dit dan afscheid nemen, dacht ik op weg naar huis, het verdriet voelen omdat hij er niet meer is, maar blij zijn met alles uit zijn leven. En dan weten, dat je niets ervan had willen missen.

Nederlands kampioenschap N/C 2010

Nederlandse kampioenschappen Nieuwelingen en C Klasse. Sportcentrum De Voltreffer, Nieuwegein. Zaterdag 25 september 2010.

“Het gaat om de eer van de boksschool”, zei een bokser tegen me. Hij had zijn partij verloren en hoopte dat de volgende van zijn eigen club wel zou winnen. Vanwege die eer dus.

Het bleef me de hele avond bij. Eer, heeft dat te maken met winnen? Is dat waarmee je eer inlegt? Marieke Meyin Bong (Haagse Directe) stond voor de eerste keer in de wedstrijdring. Ze verloor van Annie Chevalking (ABCC). Marieke leek erna nauwelijks aangeslagen. Toen ik haar vroeg hoe ze het had gevonden, zei ze vrolijk: “Leuk!” Trainer Herman Rozemulder was lovend: “Ze heeft keurig gebokst, is netjes blijven staan.” En: “Natuurlijk is het fijner om thuis te kunnen zeggen dat je gewonnen hebt, maar dat kan niet altijd.”

Kijk hier naar de eerste ronde:

Nederlands kampioenschappen, 25 september 2010. Elite dames N, 54 kg, halve finale. Rode hoek Annie Chevalking (ABCC) tegen Marieke Meyin Bong (Haagse Directe)

Olympia Leeuwarden had Taco van der Heide in de halve finale. Een veelbelovende bokser, naar wie ik op een eerdere wedstrijdavond in Enkhuizen oud-kampioen Reino van der Hoek aandachtig had zien kijken. Dan groeit mijn belangstelling vanzelf. In de tweede ronde gooide trainer Eddy ten Cate de handdoek in de ring. Hier gebeurt het:

Nederlands kampioenschappen, 25 september 2010. Elite N, halve finale, 69 kg. Rode hoek Quincy Huussen (de Voltreffer)  tegen (blauwe hoek) Taco van der Heide (Olympia Leeuwarden). Voice over Eddy ten Cate.

De bokser wilde doorgaan, maar de trainer verbood het. Er is weinig definitievers dan een handdoek die in de ring ligt. Dat stukje stof, alles houdt ermee op. Taco zag er aangeslagen uit. Eddy ten Cate was een bonk vastberadenheid, hij is zuinig op zijn boksers. Daarin zit dan voor een trainer de eer van zijn boksschool. Normen en waarden. Niet ten koste van alles inzetten op dat ene kleine kansje op een overwinning. Die kans is er altijd, maar soms betaalt een bokser daarvoor een hoge prijs. Dan moet de trainer beslissen of die te hoog is.

Zo keek ik naar alle wedstrijden van die dag, om de eer van de boksschool te vinden. Op eerdere boksavonden had ik boksers gezien die in de ring stonden voor de showbusiness en zonder bokshouding wat om de tegenstander heensprongen. Of boksers die hun zelfbeheersing verloren in of na de ring. Op dat soort momenten knijp ik mijn ogen dicht van plaatsvervangende schaamte, omdat dan de eer geraakt wordt.

Eer gaat over protocol. Over ongeschreven wetten die dwingend zijn. Een bokser die tijdens de wedstrijd alles geeft. De inzet. De trainer die bereid moet zijn de handdoek te gooien. Na de wedstrijd handen schudden met de andere hoek. Winnen is heerlijk, maar met de eer van de boksschool heeft het eigenlijk weinig te maken. Weinig? Eigenlijk niets.

Eerder keek ik gefascineerd naar het inslaan van Dennis Weening. Hoe eenvoudig zoiets begint, met een ritme vinden.

Zonder elkaar te raken, veerkrachtig, kijkend, wachtend.  Zo begint een bokswedstrijd. Uit de dingen van de alledaagse dag gaan,  in de concentratie van de wedstrijd komen. Dennis in wedstrijdkleding. Tegenover hem bokser, trainer en broer Michel, ook van Frisia.  Michel Weening is trainer bij BoksClub-Tytsjerk,  een dependance van Frisia, zoals Frisia er meer heeft. Kijk eens op de site van Tytsjerk.

Ook gefilmd: de halve finale Isaias Ferreira (BAV Frisia) tegen Maikel Koek (Seconds out), voor de eerste ronde klik hier. En ook Robert Terpstra (BAV Frisia) tegen Timo Zolingen (De Amateur), voor de eerste ronde klik hier. Nog een wedstrijd: Dennis Weening (Frisia) tegen Xeu Hu (NABA), eerste ronde klik hier. Volledige wedstrijden aanwezig, een kwestie van doorklikken.