Clubpartijtjes Haagse Directe (2)

Haagse Directe, zaterdagmidag 18 december 2010. Clubpartijtjes.

Twee ringen naast elkaar

“We kunnen er alletwee wat mee winnen”, had René Prins gezegd op de wedstrijddag bij Houwaart. Hij sprak over het clubpartijtje dat hij zou boksen met Erdinc Cetin, een week later. Wat hij bedoelde, bleek precies dat te zijn wat het spannend maakte: de verschillen. Erdinc, de rising star, achttien jaar, snel en sterk. Maar zonder de rijke ervaring die de veertigjarige René in de ring brengt; na een mooie carrière in het amateurboksen werd hij profbokser: “Geen dag spijt van gehad.”

Kort voor het clubpartijtje begon, vroeg ik aan Erdinc hoe hij ervoor stond. “Ik heb niets te verliezen en alles te winnen,” zei hij. Daarna ging hij verder met inslaan, want elke wedstrijd telt en verliezen wil hij niet, nooit. Erdinc hoopt profbokser te worden.

Zijn trainer Reinier van Delden had een duidelijke mening: “Voor mij had het niet gehoeven. Een demonstratiepartij. Dat is het verhaal”. En ik zei: “Ja, zo heet het dan. Tot ze in de ring staan.” Reinier en ik keken elkaar eens aan.

Zes jaar heeft René Prins geen wedstrijden gebokst. Sinds hij bij Haagse Directe traint en les geeft, voelt hij weer de aantrekkingskracht van de ring. Dat onderschat hij niet want als voormalig Benelux-kampioen weet hij wat het betekent. Niks buffelen met de Kerst, trainen en sparren en hardlopen Begin februari heeft hij een profpartij over tien ronden, dat is in Purmerend. Nog één jaar wil hij boksen. Zijn toekomst blijft in het boksen, als trainer bij Haagse Directe, vooral voor de wedstrijdboksers; hij zit in de opleiding bij de Nederlandse Boksbond.

De matching op het raam geplakt

Zijn wedstrijd leek op papier gewoon een van de clubpartijtjes van die dag te zijn. Doorlopend partijen in de twee ringen, ervoor bankjes voor vrienden en familie die het ook wel eens wilden zien. Sfeer: laagdrempelig en gezellig. Geroezemoes. Door elkaar geloop. Voor iedere bokser dezelfde medaille.

Jeugd versus ervaring

Maar toen Erdinc en René in de ring kwamen, werd het opeens muisstil. De partij in de andere ring stopte. We voelden allemaal spanning, om wat er ging gebeuren en hoe dan kon aflopen, wat winst zou betekenen voor de een en verlies voor de ander. Crack versus toekomst. Jeugd versus ervaring. Weeg een oudere bokser af tegen een jongere bokser. Dat deden we voor onszelf. Alle ogen waren op die twee gericht.

Ze trokken het shirt uit. Geen kap. Het maakte de wedstrijd meteen serieuzer. De aandacht verdiepte zich. Zo begon de eerste ronde.

Rode hoek Erdinc Cetin tegen blauwe hoek René Prins. Scheidsrechter Richard Biegel. Bij Erdinc in de hoek Reinier van Delden, bij René staat Chris van Veen. Eerste ronde van drie, wedstrijd online op YouTube.

Na de eerste ronde steekt Erdinc zijn armen in de lucht. Reinier praat op hem in. In de hoek van René wordt ook het een en ander gezegd. De tweede ronde is even kalmer, ook doordat Chris van Veen aanmaant tot rustiger aan. Het zijn clubpartijtjes, weten we dat nog? Ja, tuurlijk. De derde ronde is spannend. En het Salomonsoordeel is: onbeslist. De zaal joelt en juicht.

“Hij had het voordeel”, stelt René vast na de wedstrijd. “Vooral in de eerste ronde. Over mezelf ben ik niet ontevreden.”
“Een hele goede tegenstander,” vindt Erdinc. Hij straalt, want eigenlijk heeft hij gewonnen. Vindt René ook. Hij gaat in de aanloop naar zijn wedstrijd ook met Erdinc sparren.

De verdere middag komt deze ene wedstrijd hier en daar ter sprake. Of je het gezien hebt. Wat ervan te vinden. Het trok mensen als een magneet naar de ring, dat zag ik. Wat ik er zelf van vond, weet ik nog niet. Spannend was het zeker om jeugd tegen ervaring af te kunnen wegen. De profbokser die vechten kan versus de amateurbokser die een technische elegantie bezit. Misschien zijn dat wel de mooiste partijen, die waar je over na blijft denken. Waarin veel tegenstellingen zitten en beide boksers juist daardoor aan elkaar gewaagd zijn.

Ruwesley Bonafasia met Chris van Veen

Mooie combinaties

Al met al waren er ongeveer twintig wedstrijden te zien. De jongste bokser was Ruwesey Bonafasia, dertien jaar, maar ik zag ook boksers in de ring van fifty something. Iedereen bokste op een eigen niveau met een eigen kwaliteit, maar deze middag was iedereen hetzelfde waard, dat is het democratische van een boksschool die clubpartijtjes heeft. Ik zag Ruwesey Bonafasia tegen Aniel Kisoen, met soms mooie combinaties. Eerste ronde staat hier, dan verder doorklikken. Huis-ontwerper van de Haagse Directe Hans Pols, bubbelend van energie, tegen Lucien, die mooi stand hield en won. Begin hier met kijken. De laatste wedstrijd die ik filmde ging tussen Evert Jan Mulder en Mustafa Wahou: die staat hier online.

Het leek of het elke zaterdag zo ging, maar in de geschiedenis van de Haagse Directe was dit pas de tweede middag met clubpartijtjes. Hopelijk straks in het voorjaar weer. Met al die sneeuw op straat verlang ik zo naar de lente.

Wedstrijddag Houwaart

(verscheen als ‘boksen bij Harry Houwaart’, in Den Haag Centraal, 3 juli 2009)

Bomvol was het bij Boksschool Houwaart, op straat stonden de mensen die er niet meer bij konden. Op de wedstrijddag van 21 juni kwamen ruim 200 bezoekers af. Tel daarbij op trainers, boksers en thaiboksers van verenigingen in de nabije en verre omtrek. De wedstrijden waren alleen voor beginners en bijna-beginners. “De sfeer was goed”, zegt Käthy Houwaart tevreden, “en het niveau ook”. Boksen leeft in de Hofstad.

Voor de wedstrijden beginnen, heerst er bij Houwaart de stilte voor de storm. In het midden van de grote zaal wacht de ring. Eromheen staan stoelen, rijen lang en breed. Aan de muren hangen oude boksposters, foto’s uit het roemruchte verleden en natuurlijk is er het meer dan levensgrote portret dat dochter Käthy van haar vader maakte. Het hangt hoog. Harry Houwaart, die in 2002 op 73-jarige leeftijd overleed, zal die middag veel boks- en thaibokswedstrijden zien. Käthy Houwaart, die samen met haar dochter Sherryda de lady boss is, heeft hiervoor een goede sponsor gevonden in Force One. “Je moet zakelijk zijn”, zegt ze. “Ik wil de naam van mijn vader hoog houden”. Terwijl de ruimte zich vult met boksers en trainers en het publiek binnenstroomt, begint ze de laatste dingen te regelen. Die begroeten, dat nabellen, het ene toestaan en het andere verbieden, Käthy is in charge en elke bokser weet dat.

Beneden in de gang staat Mustafa Wahou te wachten op het wegen. Het is zijn eerste wedstrijd en die gaat hij beslist winnen, zegt hij. “Ik heb een maand lang vijf keer per week getraind op de Haagse Directe, en dan nog hardlopen voor de conditie”. Hij is ontspannen. Geen stress, geen angst. “Ik voel me vitaal”. Op de weegschaal klopt zijn gewicht: 75 kilo, met sokken aan. Er is alleen een probleem: zijn tegenstander heeft wegens gezondheidsklachten moeten afzeggen. Wat nu? Nieuwe matchmaking biedt uitkomst. Het wordt Goelzer Goelmohammed uit Delft, zwaarder en iets meer ervaren. Mustafa besluit dat hij die tegenstander aankan en verdwijnt naar de kleedkamers.

Veranderingen
In de loop der jaren heeft Käthy Houwaart de nodige veranderingen doorgevoerd. De belangrijkste was het aanbrengen van een resolute scheiding tussen herenboksen en damesboksen. “We hebben een aparte vrouwenavond, daar zijn de vrouwen onder elkaar. Degene die traint is ook vrouw. Dan kunnen de hoofddoekjes af, omdat er geen man bij is. Daar zijn we streng in, ook al moeten we een mannelijke trainer daarvoor aan de deur weigeren. We hebben één kleedkamer en een kleine ruimte voor het wegen van de wedstrijdboksers. Dus het moest wel”.
Ondanks het feit dat zij nu al jaren de scepter zwaait, heet de school nog steeds ‘Harry Houwaart’, naar haar vader. “De eerste tien jaar blijft dat zo”, zegt ze resoluut. “Daarna zien we verder.” Dat Käthy er alles aan zal doen om de school te laten bestaan, is duidelijk: ”Ik leef ervoor”. Zij is er zowat dag en nacht. Haar kunstenaarschap is nu ondergeschikt aan de school. Daar komt een vaste kern van 200 mensen, vooral recreanten. “Ze blijven meestal jarenlang, en als ze weggaan komen ze vaak terug”.

Hoek
In de ring heeft Mustafa het zwaar. Drie rondes van elk twee minuten, dat is lang als je er staat. Hij zoekt een opening, probeer rechts, maakt snelle combinaties, incasseert stoten. Aan de kant roepen trainers van Haagse Directe: “Goed zo Moes!” en “Een hoek erbij!” Tussen de rondes door komen de instructies: “Maak een schijnbeweging, kijk wat hij doet en reageer meteen”. Moes doet het. Dan gaat de laatste bel, de boksers gaan naast de scheidsrechter staan, maar het is niet de arm van Moes die triomfantelijk omhoog gaat. In de kleedkamer lacht Mustafa weer. Verslagen in de ring, maar moreel volledig intact. In november komt zijn tweede wedstrijd.