Handboek Yz van der Weerd (1983)

Yz van der Weerd: Boksen. Een handboek voor trainer, coach en bokser. Krachttraining.
Haarlem: Uitgeverij de Vrieseborch, 1983
175 pag. Rijk geïllustreerd.

Dit is een no nonsense boek. Geen inleiding, geen voorwoord, geen toelichting op de betrokkenheid van de auteur bij de bokssport. Het boek begint gewoon bij hoofdstuk 1, paragraaf 1, afdeling 1. Dus 1.1.1. Dat is het tweede kenmerk: preciesheid van indeling. Elk onderwerp dat nadere aandacht verdient, krijgt in dit boek een eigen sectie, afgeperkt van andere. Daarbij staan veel foto’s, ter verduidelijking van de besproken technieken.

Het handboek is lang niet zo droog als het nu klinkt. Gaandeweg raakte ik vertrouwd met de stem van de auteur, waardoor ik ‘erin’ kwam. Toen vielen me  kleine plukjes persoonlijke informatie ook steeds meer op. Google was als altijd behulpzaam, want zo leerde ik wat niet in het boek staat, namelijk de boksachtergrond van Yz. Hij ging in Amsterdam trainen bij Boksschool ter Meulen, van Ome Piet ter Meulen. Op hun website staat het mooi beschreven:

“In 1956 werd Yz van der Weerd lid van deze boksschool en ontstond er tussen Ome Piet en hem een relatie die het gemis van zijn pas overleden vader compenseerde. Tot zijn militaire diensttijd in 1961 bokste Yz onder leiding van Ome Piet en Rinus Krijger (trainer coach van het Nederlands Militair Boksteam) een groot aantal wedstrijden. Na het beëindigen van zijn diensttijd bij het Korps Commandotroepen trad Yz in dienst bij de Amsterdamse Politie. Vanaf die tijd was er tussen Ome Piet een Yz een afspraak dat de laatste het werk van Ome Piet na diens afscheid zou voortzetten.”

Dat is uiteindelijk ook gebeurd, een aantal ontwikkelingen later. De  A.B.O.V (Amsterdamse Boks en Ontspanning’ s Vereniging) werd opgericht. Van de website:

“Yz ontwierp in de jaren 70 een systeem (zoals bij het Judo) waarbij de kleur van de handschoen de mate van geoefendheid bepaalde. Maandelijks werden er examens afgenomen waaraan ook de wedstrijdboksers met veel plezier deelnamen. Later is dit systeem door de Nederlandse Boksbond overgenomen zij het met kleine wijzigingen evenals het toelaten van damesboksers. Op 1 januari 1995 heeft Yz zich teruggetrokken en is de leiding in handen gekomen van achtereen volgens Louis Vargas en later Ron Roebersen.”

Lees het hele verhaal na op de website van ABOV Amsterdam en klik hier. Yz geeft er nog steeds gastlessen en werkt als personal coach voor wedstrijdboksers.

Kijk, dat is toch informatie die je in een inleiding verwacht. Dan lees je de verpletterende hoeveelheid informatie toch met andere ogen.

In zijn Boksen. Een handboek voor trainer, coach en bokser richt Yz zich meer op beschrijven van ‘wat is het’ dan op ‘hoe moet het precies’. Een goed voorbeeld daarvan is de paragraaf over ‘Het trefvlak’. Beknopt en praktisch is het:

”Onder het trefvlak verstaan we:
De voor- en zijkant van het hoofd, met inbegrip van de oren en de romp boven de gordel. Op foto 54 en 55 kunt u zien, dat de gordel nog onder de band van de broek loopt.”

En dan gaan we door naar de volgende paragraaf, dat is 4.2.2. waarin ‘het stootvlak’ aan de orde komt. Dat is ongeveer twee keer zo lang. Nog kort.

Yz zegt het zoals het hij ziet en zoals hij het vindt. Hij is geen man van de swingende verhaaltjes. Een fijn nuchter boek, geschreven vanuit een indrukwekkende praktijkervaring. Zie voor de uitgebreide inhoudsopgave onderaan. Ja, dat was wel even overtikken. En dan sloeg ik de afdeling Krachttraining nog over.

Yz van der Weerd: Boksen. Een handboek voor trainer, coach en bokser. Krachttraining.
Haarlem: Uitgeverij de Vrieseborch, 1983
175 pag. Rijk geïllustreerd.

Inhoud
1. Hulpmiddelen bij de beoefening van de bokssport
1.1 Preventieve hulpmiddelen
1.1.1.De bokskap of hoofdbeschermer; 1.1.2. Bandages of handwindels; 1.1.3. De mondbeschermer of ‘mouthpiece’; 1.1.4. De schaamdeelberschermer of tokkel; 1.1.5. Stootzakhandschoenen of punches; 1.1.6. Trainingshandschoenen en wedstrijdhandschoenen
1.2. Andere hulpmiddelen voor de bokssport: trainingsatrributen
1.2.1. Het springtouw; 1.2.2. ‘Hook pads’, ‘Jab pads’ of stoothandschoenen; 1.2.3. Het stootkussen; 1.2.4. De boksgong; 1.2.5. De weegschaal; 1.2.6. De speedbal; 1.2.7. De medizinbal; 1.2.8. De stootzak; 1.2.9. De peerbal; 1.2.10. De top- en bodembal
1.3. Het wedstrijdtenue

2. Preventieve maatregelen in de bokssport
2.1. Opleiding van wedstrijd- en recreatiesporters in de bokssport

3. Organisatie en begeleiding bij het boksen
3.1. Het wedstrijdboksen
3.2. Het spelboksen
3.3. Het jeugdboksen

4. Bokstechniek
4.1. De voetenstand
4.1.1. Het aanleren van de voetenstand; 4.1.2. De stand van de benen; 4.1.3. Controle van de juiste voeten- en benenstand; 4.1.4. Voetenwerk; 4.1.5. Schaduwboksen of ‘shadowbokxing’
4.2. De houding van de armen en de vuisten (in verband met de verdediging)
4.2.1. Het trefvlak; 4.2.2. Het stootvlak; 4.2.3. De gordel; 4.2.4. De linker-directe; 4.2.5. De rechter-directe; 4.2.6. De stopstoot; 4.2.7. De nastoot; 4.2.8. De counter of ontmoetingsstoot en de reactiestoor; 4.2.9. Het hoeken; 4.2.10. De opstoot of de uppercut; 4.2.11. De kruisstoot of cross-stoot; 4.2.12. Het boksen op afstand; 4.2.13. De draaistoot of swing; 4.2.14. Het boksen op halve afstand; 4.2.15. Lijf aan lijf of corps á corps; 4.2.16. Stotensparren of stotenzetten; 4.2.17. Het duiken; 4.2.18. Skyferen, rompdraaien of slippen; 4.2.19. Het blokken; 4.2.20. Het weren; 4.2.21. De zijstap.

Voorin het boek de jonge Yz

5 Recreatietraining
5.1. Het sparren
5.2. Boksen als lichaamsoefening
5.3. De psychische betekenis van het boksen
5.4. Training van snelheid (bewegen)
5.5. Begeleiding in de training

6. De verzorging en coaching
6.1. De recratietrainer
6.2. De jeugdtrainer
6.3. De wedstrijdtrainer
6.4. De toptrainer
6.5. De wedstrijdcoach
6.5.1. Vòòr de wedstrijd; 6.5.2. Tijdens de wedstrijd

Bijlage A. Begrippen betreffende de bokssport
Bijlage B. Verboden handelingen bij het boksen
Literatuur

Voor inhoud krachttraining: zie pag.89
1. Krachttraining
2. De basisuitrusting voor krachttraining
3. Voorbeelden van algemene krachttraining
4. Specifieke krachttraining
5. Trainingsschema’s voor algemene krachttraining
6. Rekkingsoefeningen
Bijlage A. Schema training
Bijlage B. Schema krachtraining
Bijlage C. De spieren
Bijlage D. De steptest
Bijlage E. De fietsergometer
Aanbevolen literatuur

Cor Hillenga (2)

 

Cor Hillenga, jaren '50

 

Kijk, Cor Hillenga in dienst. Zat hij in het militaire boksteam onder de strenge leiding van Rinus Krijger. “Alle dagen trainen voor de wedstrijd,” herinnert hij zich. “Dan zat je twee weken in een trainingskamp, je mocht niet naar huis, trainen, trainen trainen.” Hij moet er nog bijna van zuchten. “Dat is toch heerlijk, met de vaste jongens,” zeg ik bemoedigend, maar Cor denkt er anders over: “Het was net de gevangenis, met Rinus Krijger als de cipier.”

Dus dat werd geen groot succes, bedoelt hij te zeggen.

Ik was in Groningen, bij Cor Hillenga, Nederlands kampioen zwaargewicht in 1958, hetzelfde jaar waarin Theo Wilbrink en Wim Gerlach een Nederlandse titel haalden. Drie mannen van School Abelsma, de boksschool die lang de Noordelijke kampioenschappen domineerde. De school bestaat nu niet meer.

In Cors startboekje staan 76 wedstrijden en daarbij heeft hij in zijn diensttijd nog wat wedstrijden gebokst. Voorin staan met rode pen de titels geschreven: 1955 kampioen C-klasse Noordelijk district, geprolongeerd op 21 januari 1956; in 1958 kampioen militairen, A-Klasse Noordelijk district en daarna van Nederland. De A-klasse titel van Noord haalt hij dan ook nog in 1959, 1963 en als halfzwaar in 1965 en 1966.

Cor heeft de glorietijd van School Abelsma meegemaakt. De oprichter, Dirk Abelsma, trainde hem en stond bij hem aan de ring. Hoe het begon, weet hij ook:

 

Uit een krant, 1958

 

“Abelsma zat aan de Akkerstraat, hijzelf woonde er vlak achter in de Kerkstraat. De boksschool was heel eenvoudig, eigenlijk gewoon een gymnastiekzaal. Het zat naast de kerk, en zo kwam ik ertoe. Wij waren gereformeerd en gingen naar die kerk. Mijn moeder was er zwaar op tegen dat ik ging boksen, maar toen ik mijn eerste wedstrijd in de Harmonie hier in Groningen had, toen kwam ze wel kijken.”

“Abelsma was een correcte man. Heel rustig. Iedereen had respect voor hem. Overdag gaf hij les aan de politie en ’s avonds op maandag, woensdag en vrijdag, dan trainde hij ons. Als je naar de ring toe ging, dan praatte hij met je.”

In Cors collectie oude boksfoto’s zit Dirk Abelsma helaas niet. Toch een man die heel wat grote boksers heeft begeleid. Cor kwam als jongetje van vijftien jaar bij hem en is altijd blijven trainen, ook bij Abelsma’s opvolger Teun Koster. Daarna kwamen er veel andere trainers, maar toen was Cor er eigenlijk al een beetje uit. Hij stopte in 1966. Nee, nooit spijt van gehad. Ook geen prof willen worden. Het was eenvoudig zo, hij had een bedrijf en daarin begon hij personeel te krijgen, dus het was gewoon druk. En dan moet je kiezen. Maar die bokstijd, dat was wat. Toch heel wat jaren van zijn leven liggen er tussen 1954 en 1966. En heel wat herinneringen ook.

Dat ze met z’n drieën, hij dus met Wim Gerlach en Pukkie Wilbrink, na de wedstrijd altijd gingen stappen. Nee, niet naar de bioscoop. “Gewoon, een barretje. Geen gekke dingen.”

Dat ze in 1959 naar Luzern gingen, voor de Europese kampioenschappen, en dat Pukkie in dat hotel een meisje ontmoette waar hij later mee getrouwd is.

 

Uit Cors wedstrijdboekje

 

 

Dat toen ze in ’58 alledrie een titel hadden, hij ’s nachts laat thuis was, tegen vijf uur, en dat z’n vader toen zei dat hij een uurtje langer mocht slapen. Op de training feliciteerden ze hem. Er kwam een stukje in de krant. En dat was alles, eigenlijk. Ja, wel kaal.

Dat hij in principe links is, met alles. Voetballen, slaan, wat maar. “Dus toen ik begon te boksen, ging dat aardig goed. Eerste ronde stond ik links voor. Maar de tweede ronde rechts voor, dat kon ik ook. In de derde ronde wisselde ik af. Dat ze dachten, net stond hij zo en nu zo.” Cor lacht.

 

Met Bep Kneppers. En Cor maar lachen: alweer gewonnen!

 

Zijn mooiste partij was die tegen Bep Kneppers. “Het was kiele kiele, maar ik won.” Het startboekje leert: die wedstrijd was op 31 maart 1958, in Den Haag. Misschien in de Dierentuin, vraag ik, of in Amicitia? We komen er niet uit.

Cor leent zijn boksfoto’s aan mij uit, dan kan ik ze inscannen. Want dan kun je alles beter zien, ook bijvoorbeeld wat er ergens aan de muur hangt. Dan leer je vanzelf meer over een boksschool. In zijn startboekje zie ik veel wedstrijden in Noord, veel in Duitsland en ook in enkele andere landen. Bekende tegenstanders: Jack Roossien (1963), Jan Lubbers (1964, 1966) en natuurlijk Lolle van Houten. Tegen hem bokst Cor zijn voorlaatste wedstijd in 1966: onbeslist. Daarna komt de laatste, in Maastricht tegen ene Steindl (MMS): gewonnen.

En toen besloot Cor met boksen te stoppen, vanwege de zaak.

Hij volgt het alleen nog op televisie, als hij de sport bij het zappen tegenkomt. Dan blijft zijn aandacht toch even hangen. Naar wedstrijden gaan? Nee. Maar misschien dat Wim Gerlach Memorial. “Wanneer is dat?” Ik zeg het: 27 november, Delfzijl. O, ja. Misschien dat hij daar jongens van vroeger tegenkomt, denkt hij hardop, dat zou mooi zijn.

We zeggen het alletwee niet: als die er tenminste nog zijn. Van de drie kampioenen uit 1958 is alleen hij  over. En Cor is van 1937, in september werd hij 73, en zijn gezondheid is nou, wat moet hij zeggen? Tot dusver heeft hij van alles overleefd. Wel met littekens van de operaties en hij heeft een nieuwe manier aangeleerd om te praten sinds zijn stembanden verwijderd moesten worden, maar hij kan praten, en vertellen.

 

In de kneep van Cor.

 

En Cor kan ook hard knijpen, ontdek ik, wanneer zijn vrouw een foto van ons maakt. Kijk eens waar zijn rechterhand is, dan is meteen duidelijk waarom ik ietwat geschrokken kijk en zo rechtop zit. Hier ontdekte ik dat Cor Hillenga nog veel kracht in zijn handen heeft.

Ik denk eigenlijk niet dat het boksen ooit uit een bokser gaat, ook uit niet uit degenen die  beweren dat het helemaal voorbij. Ze kijken toch even naar de televisie als er een wedstrijd, halen graag herinneringen op en als je dom genoeg bent om ze te provoceren, komt er altijd een technische stoot uit de bokser. Cor heeft die ook in huis, weet ik nu.